Kamer keurt wet op familierechtbank goed

Print
27 JULI 2011 - Tijdens haar laatste marathonzitting voor de parlementaire vakantie, keurde de Kamer een wet goed die een familierechtbank opricht binnen ieder gerechtelijk arrondissement. Over deze hervorming wordt al meer dan dertig jaar gedebatteerd in universitaire en gerechtelijke kringen. Deze familierechtbank moet alle geschillen binnen het gezin beslechten. Iedere familie krijgt ook één dossier. We overlopen het voorstel met indienster Sonja Becq en wetenschappelijk medewerker Familierecht Tim Wuyts (KULeuven) en belichten en passant de visies van de anderen en van sommige deskundigen.

De Kamer keurde donderdagavond unaniem een wetsvoorstel van Sonja Becq (CD&V) en Christian Brotcorne (cdH) goed om per gerechtelijk arrondissement één familierechtbank op te richten. Sp.a en VB onthielden zich. Eerder sprak de Antwerpse rechtbankvoorzitter Jacques Mahieu zich uit voor zo'n familierechtbank. Het wetsvoorstel moet nu naar de Senaat, waar het ongetwijfeld nog zal worden aangepast. Als dat gebeurt, moet het opnieuw naar de Kamer. Geen nood want de wet moet pas op 1 september 2013 in werking treden.

1. WAT IS DE FAMILIERECHTBANK?

Iedere rechtbank van eerste aanleg krijgt een familie- en jeugdrechtbank. Die heeft drie kamers: een familiekamer voor alle burgerlijke zaken binnen het gezin (o.a. echtscheiding, voorlopige maatregelen rond alimentatie of bezoekrecht), een jeugdkamer (voor minderjarigen in problematische opvoedingssituaties ("possen"), criminele minderjarigen("moffen") en geesteszieke minderjarigen en een specifieke kamer voor criminele boefjes die naar de strafrechter voor volwassenen of naar assisen worden gestuurd ("kamer voor uithandengeving").

De voorzitter van de rechtbank kan bovendien een vierde kamer oprichten om de familiale geschillen minnelijk te regelen ("kamer voor minnelijke schikkingen"), maar hij moet dat niet. Deze beslissing is afhankelijk van het beschikbare personeel: rechters die in de minnelijke kamer zetelen kunnen niet in de gewone familierechtbank zetelen.

2. WAAROM EEN FAMILIERECHTBANK?

Waarom is een aparte familierechtbank nodig?

Becq: "Omdat de afhandeling van familiale geschillen dan makkelijker wordt. Alle familiale betwistingen komen dan voor dezelfde rechtbank. Nu zijn o.a. bevoegd: de vrederechter, de rechtbank van eerste aanleg, de kortgedingrechter, de jeugdrechter en soms de strafrechter."

"Een voorbeeld van de huidige situatie. De rechtbank van eerste aanleg spreekt de echtscheiding uit. Maar over voorlopige maatregelen (wie mag de gemeenschappelijke auto gebruiken? Wie woont in het gemeenschappelijke huis? Hoeveel onderhoudsgeld moet worden betaald?) beslist ofwel de vrederechter (zolang er nog geen verzoek tot echtscheiding is), ofwel de kortgedingrechter (als er een verzoek tot echtscheiding is dat nog niet is afgehandeld). In het eerste geval moet de eiser van een onderhoudsuitkering de fout van zijn partner bewijzen, in het tweede niet."

"Als de echtscheiding is uitgesproken en je krijgt drie jaar later problemen met de kinderen, dan is de jeugdrechtbank bevoegd. Ook voor het onderhoudsgeld voor de kinderen is de jeugdrechter bevoegd, maar als het geschil alleen maar gaat over het onderhoudsgeld dan is de vrederechter weer bevoegd."

"Mensen kunnen dus van de ene procedure naar de andere stappen. Die procedures kunnen elkaar overlappen. En tussendoor gaan ze nog eens naar het Hof van Beroep."

"Vergeet bovendien niet dat incest, intrafamiliaal geweld, niet-respecteren van het hoederecht dan weer voor de strafrechter komen. En dan hebben we het nog maar over een heel eenvoudig gezin. Bij nieuw samengestelde gezinnen met kinderen uit eerdere echtscheidingen kunnen rechtbanken uit meerdere gerechtelijke arrondissementen bevoegd zijn. Nu is het dus heel ingewikkeld en shoppen tussen rechters is zeer wel mogelijk".

"Dat is dus voortaan grotendeels uitgesloten. Dat moet veel tijd en veel procedures besparen en er zullen geen tegenstrijdige beslissingen meer zijn omdat de ene familierechtbank altijd hetzelfde, volledige dossier heeft. Want dat is nu natuurlijk ook niet zo. Bovendien kunnen die rechters met kennis van zaken oordelen, ze moeten een opleiding hebben gevolgd en zullen dus gespecialiseerd zijn. Voor de burger zal het dus sneller gaan, de rechtspraak wordt eenvormiger, doorzichtiger en ook goedkoper omdat een resem proceduremogelijkheden die nu nog dubbel lopen zullen wegvallen".

3. WAAROVER BESLIST DE FAMILIERECHTBANK?

De familierechtbank beslist in principe over alle geschillen met betrekking tot familie en gezin, behalve de strafrechtelijke.

De Hoge Raad voor Justitie en de Franstalige jeugdmagistraten hadden ook het "familiaal strafrecht" onder de bevoegdheid van de familierechtbank willen brengen. Ze dachten dan aan ouderontvoering, niet-afgeven van kinderen en niet betalen van onderhoudsgeld voor de kinderen (familieverlating). De Ordes van Advocaten waren daartegen en alle politieke partijen eveneens.

De familierechtbank is wel bevoegd voor criminele feiten van minderjarige kinderen uit een familie. Ze heeft daarvoor twee aparte kamers: één kamer is bevoegd voor de moffen (criminele minderjarigen) én tegelijk voor minderjarigen in een problematische opvoedingssituatie (possen); een tweede kamer is bevoegd voor criminele minderjarigen die door de rechter naar assisen of de correctionele rechter zijn gestuurd.

Wuyts: "De familierechtbank is uiteindelijk o.a. bevoegd voor: de huwelijksstelsels, de echtscheiding, afstammingsgeschillen, de dringende voorlopige maatregelen tusen echtgenoten en wettelijk samenwonenden, het ouderlijk gezag over en de verblijfsregeling van de minderjarige kinderen, het omgangsrecht, geschillen over de uitbetaling van de kinderbijslag, erfenissen, schenkingen en testamenten, adoptie, vereffening en verdeling van de goederen e.d."

"Belangrijke vernieuwing is ook de uitbreiding van de "blijvende saisine" voor een aantal dringende familiale geschillen: eens een zaak werd voorgebracht voor de familierechtbank blijft de zaak aanhangig voor deze familierechtbank. Iedere partij kan dan bij nieuwe omstandigheden op eenvoudige wijze aan de familierechtbank vragen om de zaak te herbekijken."

"In hoger beroep komt een soortgelijk systeem."

4. WAT DOET DE VREDERECHTER NOG?

Heel wat bevoegdheden gaan van de vrederechter naar de familierechtbank, o.a. alle dringende en voorlopige maatregelen en ook een reeks geschillen over onderhoudsgeld na de echtscheiding.

Becq: "De vrederechters zullen door deze regeling wat bevoegdheid verliezen, in totaal zo'n 20.000 zaken per jaar. Want tussen januari en april 2001 handelden ze 2.531 voorlopige maatregelen in echtelijke geschillen voor de echtscheiding af en nog eens 1.787 na de echtscheiding."

Wuyts: "In ruil daarvoor krijgen ze wel een reeks zaken bij. De belangrijkste zijn de onbekwaamheidsstatuten én alle geschillen tot 3.000 euro (nu is die som nog 1.860 euro). Maar verder krijgen ze bv. ook:

* geschillen over wat met overledenen moet gebeuren (begraven of cremeren? Wat gebeurt met de asse?)

* toestemmingen over het afleveren van afschriften van aktes van de burgerlijke stand met vermelding van de afstamming. Dat is belangrijk voor verre, onvermoede familieleden die erven, maar ook voor mensen die stambomen onderzoeken.

* De aanstelling van een curator bij een doofstomme die niet kan schrijven en die een gift moet aannemen.

* Juridische bijstand door een gerechtelijk raadsman."

"Deze opsomming is niet volledig", aldus nog Wuyts.

Wat vonden de vrederechters hier zelf van?

De vrederechters zelf waren niet happig om de dringende voorlopige maatregelen af te staan. Ze betoogden tijdens de hoorzittingen dat zij dit werk "dicht bij de bevolking" doen: door hun werk over te hevelen naar de familierechtbank wordt die afstand groter, want er zijn 187 kantons en slechts 27 rechtbanken. Ze werken bovendien uiterst snel: binnen de acht dagen is alles beslist, soms nog op de dag zelf en tenslotte "werken de vrederechters verzoening in de hand".

De vrederechters hadden eigenlijk liever alle dringende maatregelen zelf behandeld, ook de maatregelen waarover de kortgedingrechter nu beslist. Dat zou geen bijkomende kosten veroorzaken. Maar…hoewel de vrederechters liever urgentierechter gebleven waren, toch hadden ze ook twijfels, omdat hun werklast in tien jaar tijd bijna verdubbeld is.

De vrederechters waren ook niet echt happig om de financiële grens waarvoor zij alleen bevoegd zijn en geen beroep meer mogelijk is, drastisch op te trekken. Ze vreesden dat ze zich daardoor te veel zouden moeten specialiseren en dat ze in plaats van een verzoeningsrechter te veel een "rechtbankje in het klein" zouden worden.

5. WELKE PROCEDURE VOOR DE FAMILIERECHTBANK?

* Van zodra de eerste procedure is opgestart moet de griffier meedelen dat niet alleen de gerechtelijke weg, maar ook bemiddeling, schikkingen en akkoorden mogelijk zijn.

* De echtelieden moeten altijd persoonlijk verschijnen bij geschillen over de kinderen.

* Op de inleidingszitting moeten de partijen persoonlijk verschijnen als het gaat over de afzonderlijke verblijfplaats van één van hen (ook als er géén kinderen zijn), de uitoefening van het ouderlijk gezag, de organisatie van de verblijfsregeling van en het contact met de kinderen en de onderhoudsverplichtingen (ook tegenover elkaar).

* Als er een Kamer van Minnelijke Schikking bestaat kan de zaak op verzoek van de partijen of van de rechter naar die kamer worden gestuurd. De partijen kunnen dat ook vragen voor alle gedingen, terwijl de rechtszaak al loopt. De KMS werkt vertrouwelijk, achter gesloten deuren en de rechter mag later niet ten gronde oordelen.

* De familierechter kan een persoonlijkheidsonderzoek of een maatschappelijk onderzoek van de minderjarige kinderen bevelen.

* In vier gevallen wordt hoogdringendheid verondersteld. Die is er telkens bij geschillen over:

== het ouderlijk gezag;

== gescheiden verblijfplaatsen van de echtgenoten (en ook: over afbetaling van leningen, persoonlijk gebruik van gemeenschappelijke goederen (de auto), verbod om elkaars buurt te betreden, verbod om geld van de gemeenschappelijke rekening te halen e.d.);

== de verblijfsregeling voor de kinderen;

== het recht op persoonlijk contact met de kinderen en kinderontvoeringen.

De procedure wordt in deze zaken veel sneller en soepeler, maar dezelfde rechtbank oordeelt. De partijen kunnen al binnen de 15 dagen na een vonnis de zaak opnieuw voor dezelfde rechter brengen als hun partner zich niet aan de afspraken houdt, of als er een nieuw feit is.

* Als problemen van kinderen aan bod (o.a. afstamming, ouderlijk gezag, adoptie, voogdij) komen, is de zitting in beginsel met gesloten deuren.

6. VERANDERT DE ECHTSCHEIDINGSWET OOK ZELF?

Ja, op twee gebieden:

Eén. Bij een EOT (echtscheiding door onderlinge toestemming) zullen de echtelieden in de toekomst niet meer persoonlijk moeten verschijnen als ze al meer dan zes maanden gescheiden leven op het moment dat ze hun verzoek tot EOT indienen. Nu moet dat nog wel. Hierdoor wordt de EOT gelijkgesteld met de EOO.

Daarvoor was bij EOO al eerder beslist dat niemand nog persoonlijk moet verschijnen. Volgens Raf Terwingen (CD&V) werd zo "de islamitische verstoting op zijn Belgisch" mogelijk, omdat de man na 1 jaar feitelijke scheiding de echtscheiding kan laten uitspreken zonder zelfs nog bij de rechtbank, die de echtscheiding moet uitspreken, op te dagen en zonder dat iets van alimentatie voor zijn vrouw of zelfs maar iets voor de kinderen geregeld is. Dat vonnis kan zelfs op gewoon verzoekschrift, een dagvaarding hoeft niet meer. Het vonnis is wel op tegenspraak geveld.

En Sonja Becq (CD&V) voegde daaraan toe: "Als het toch zo makkelijk is om te scheiden, waarom moet er dan nog een advocaat aan te pas komen? Waarom moet het dan nog voor een rechter gebeuren? Waarom kan het dan niet gewoon bij de burgerlijke stand, waar men tenslotte ook trouwt?"

Tijdens de hoorzittingen pleitte de Antwerpse rechtbankvoorzitter Jacques Mahieu trouwens voor een volledige overheveling van de EOT naar de ambtenaar van burgerlijke stand.

(Deze Belgische wet wordt op 1 december 2011 van kracht. Ze verschilt nog wel van de verstoting uit de sharia. Uiteraard kan de andere partij in beroep gaan tegen een echtscheiding. Dit behoort tot de essentiële grondrechten in het procesrecht, nl. het recht van verdediging. Een tweede essentieel verschil met de sharia is bovendien dat ook de vrouw van deze mogelijkheid gebruik kan maken, nvdr).

Twee. De fout zal geen rol meer spelen bij de toekenning van onderhoudsgeld tijdens het huwelijk. De echtscheidingswet werd eerder gewijzigd om een schuldloze echtscheiding mogelijk te maken, maar bij geschillen over een onderhoudsuitkering tijdens het huwelijk moest je wel nog een soort van fout bewijzen. Om tijdens het huwelijk onderhoudsgeld te krijgen moest je immers bewijzen dat je niet de oorzaak was van de feitelijke scheiding. Dat verandert. Nu moet je voor geen enkele maatregel nog de fout van de tegenpartij bewijzen.

7. WELKE FAMILIERECHTBANK IS BEVOEGD?

Welke familierechtbank is bevoegd? Niet zo eenvoudig.

* Iedere familie krijgt in de toekomst ook één dossier. Dat bevat alle dossiers over het koppel. De familierechtbank is niet alleen bevoegd voor alle gehuwde koppels, maar ook voor alle wettelijk geregistreerde samenwoners, ongeacht of ze kinderen hebben of niet. De familierechtbank is niet bevoegd voor feitelijke samenwoners, behalve als er gemeenschappelijke kinderen zijn.

* Als er gemeenschappelijke kinderen zijn, dan bepaalt de woonplaats van het kind welke familierechtbank bevoegd is.

* Als het kind geen woonplaats heeft, dan geldt zijn verblijfplaats.

* Bij meerdere gemeenschappelijke kinderen van dezelfde ouders, die toch op een verschillende plaats zijn ingeschreven (omdat de ouders bv. gescheiden zijn en hun kinderen in verblijfsco-ouderschap opvoeden), dan geldt de regel: wie eerst komt, eerst maalt. De familierechtbank die eerst is aangesproken beslist over al deze geschillen.

Maar…het gezin wordt geconstrueerd rond het kind. Het is telkens de woonplaats van een gemeenschappelijk kind die bepaalt welke familierechtbank bevoegd is. Feitelijke samenwoners met een gemeenschappelijk kind én met eigen kinderen uit een eerder huwelijk kunnen dus onder verschillende familierechtbanken vallen als die eerdere kinderen andere woonplaatsen hebben. Voor meerdere kinderen van hetzelfde gezin (= gemeenschappelijke ouders) is de eerst aangesproken familierechtbank bevoegd en die blijft dit ook voor latere zaken, tenzij verwijzing naar een andere op verzoek en in het belang van het kind.

* Als de betrokkenen geen kinderen hebben, dan gelden de gewone regels. Bij echtscheiding is dus de rechtbank van de laatste echtelijke verblijfplaats of van de woonplaats van de verweerder (de partner die gedagvaard wordt) bevoegd. Geschillen over uitkeringen tot levensonderhoud kunnen voor de rechtbank van de woonplaats van de verweerder gebracht worden, behalve als al een familierechtbank was aangesproken.

* De rechter kan een zaak naar een andere familierechtbank verwijzen in het belang van het kind. De MR had hier graag "in het belang van de goede rechtsbedeling" aan toegevoegd. Maar dat wilden de Vlaamse partijen niet goedkeuren uit vrees voor verdere verfransing van Vlaanderen.

8. MOETEN MINDERJARIGEN GEHOORD WORDEN?

Moeten minderjarigen gehoord worden?

Becq: "Nu is dat alleen bij de jeugdrechtbank echt verplicht. Bij andere rechtbanken niet. We veralgemenen die regels naar de familierechtbank en maken ze ook eenvormig. Ook dat is een belangrijke verbetering".

Hoe wordt het?

* Minderjarigen kunnen gehoord worden vanaf 12 jaar. Ze moeten worden ingelicht van dit recht. Voor de leeftijd van 12 jaar kan het ook, als de minderjarige, de partijen of het parket dit vragen, maar de rechter kan dan weigeren. Behalve als de minderjarige of het openbaar ministerie dit vragen.

* De familierechter hoort de minderjarige alleen, behalve als hij een advocaat heeft genomen. Dan moet die er ook bij zijn. (Tegen deze maatregel was veel verzet van de zetelende rechters. Zij vonden de advocaat overbodig. Hij zou zgn de belangen van het kind behartigen, maar dat doet de rechter al, zo zegde Jacques Mahieu. Hij meende dat het getuigde van wantrouwen tegenover de zetelende rechter en hij vreesde ook dat de avocaat het verhoor nodeloos zal juridiseren, nvdr.)

* Van het onderhoud wordt een verslag gemaakt en daarvan kunnen alle partijen kennis nemen.

* De minderjarige kan een gratis advocaat krijgen in alle zaken over het ouderlijk gezag, zijn recht op huisvesting, zijn recht op persoonlijke relaties (bv. omgangsrecht, met grootouders, vriendinnetje), en alle administratieve rechtsplegingen die hem aanbelangen (bv. een zaak bij de Raad van State over een betwisting van een slecht schoolrapport). De minderjarige kan zelf die advocaat kiezen, maar ook zijn ouders, het parket en de rechter die het geschil behandelt kunnen voorstellen dat de minderjarige een advocaat krijgt. De minderjarige kan dit evenwel weigeren.

9. WAT VERANDERT NOG?

Wat verandert nog?

* De drempel om hoger beroep aan te tekenen verhoogt ernstig. Nu kan je tegen vonnissen over geschillen boven de 1.860 euro bij de rechtbank van eerste aanleg of bij de rechtbank van koophandel niet in beroep gaan. Die som wordt 3.000 euro. Bij de vrederechters gaat ze van 1.240 naar 2.000 euro. Bovendien zal de minister van Justitie dit bedrag kunnen verhogen of verlagen met als uiterste waarden de indexering.

* Testamenten die zijn afgesloten in onbereikbare gebieden waar pest of andere besmettelijke ziekten heersen, zijn nu automatisch ongeldig zes maanden nadat er opnieuw communicatie met de buitenwereld is hersteld. Deze aparte regeling voor testamenten in gebieden waar pest heerst of besmettelijk zieken in quarantaine zijn geplaatst wordt nu afgeschaft. Ze had haar nut toen de gsm nog niet bestond. Mensen konden toen beslissen om hun geld en goederen te laten vererven aan personen buiten het quarantainegebied. Als ze echter de situatie overleefden en ze vergaten om een nieuw testament te maken, dan zou het oude testament vervallen na zes maanden. Nu bestaat de gsm evenwel en is die regeling niet meer nodig.

10. WAT HADDEN DE PARTIJEN LIEVER ANDERS GEWILD?

Wat hadden de partijen liever anders gewild?

De PS vond dat men het niet aan de korpschefs mag overlaten om een aparte kamer voor minnelijke schikking op te richten. "Dan hangt dit te veel van financiële middelen en beschikbaar personeel af en dat is discriminerend", zo stelde Valérie Déom.

Déom vond ook dat de rechter niet mag worden verplicht om minderjarigen onder de twaalf jaar te horen als die dat verkiezen. Hij moet dit ook kunnen weigeren omdat de kinderen "geïnstrumentaliseerd" kunnen worden door hun ouders. Maar dit soort weigering kan dus niet.

"Er was geen enkele werklastmeting om de transferts naar de vredegerechten te onderzoeken. De PS is niet overtuigd dat deze hervorming niets zal kosten", zegde Déom. Officieel is de hervorming "budgetneutraal", maar eigenlijk gelooft niemand dat. Ook andere partijen (Open Vld en VB) kaartten dit probleem aan. Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld) vreesde voor verschuivingsproblemen naar het Hof van Beroep. "Dat is nu al overbelast en zal mogelijk nog meer overbelast geraken", zo zegde ze.

CD&V en Groen! hekelden vooral dat feitelijke samenwoners niet onder de familierechtbank vallen als ze geen gemeenschappelijke kinderen hebben. "Het gaat toch over dezelfde problemen", zuchtte Stefaan Van Hecke (Groen!). Hij somde de anomalieën op:

== Feitelijk samenwonenden met kinderen komen bij de familierechter, feitelijk samenwonenden zonder kinderen niet. Ook daar zijn de problemen echter dezelfde: wie mag nog in de gezamenlijke woning blijven wonen als het koppel uiteen gaat, wie mag de enige wagen gebruiken?

== Feitelijk samenwonenden van wie de vrouw acht maanden zwanger is, kunnen niet naar de familierechter als ze uiteengaan? Twee maanden later zou dat wel kunnen.

== Wettelijk samenwonenden zonder kinderen en zonder relatie (zoals broer en zus of de pastoor en zijn meid) kunnen wel naar de familierechtbank, terwijl zij toch geen familie of gezin vormen. Feitelijk samenwonenden die geen kinderen hebben zullen niet voor de familierechter kunnen komen.

Vooral de PS lag hier dwars. Valérie Déom wilde niet dat "feitelijke samenwoonst" zou moeten worden gedefininieerd. "Moet het parlement dan gaan definiëren wanneer er een feitelijke samenwoonst is of wanneer er een affectieve relatie is? Het parlement moet zich daarin niet mengen. De burgers kunnen zelf voor een wettelijke samenwoonst of een huwelijk kiezen als ze dat willen. We moeten niet al die statuten op dezelfde wijze behandelen, want dan dreigen ze hun zin te verliezen", aldus Déom.

Justitieminister Stefaan De Clerck (CD&V) beklemtoonde dat de wet pas in werking treedt op 1 september 2013 en dat ze vijf jaar later wordt geëvalueerd. De minister had ook liever gezien dat de familierechtbank deel zou hebben uitgemaakt van zijn veel groter Atomiumplan om de hele rechterlijke organisatie te hervormen. Maar dat is misschien nog altijd mogelijk, meende hij.



Lees ook:

De echtscheidingswet uit 2007

Bemiddeling bij echtscheiding flopt

Onderhoudsgelden worden objectiever berekend

Antwerps parket: "Schaf de wettelijke samenwoonst af"



MEEST RECENT