Eerste bijdrage voor nieuw oorlogsboek

Eerste bijdrage voor nieuw oorlogsboek

Eerste bijdrage voor nieuw oorlogsboek

Print
Brecht - Drie leerlingen van de Vrije Sint-Lambertusscholen uit Westerlo interviewden oorlogsveteraan Jan Cools (95) in het woonzorgcentrum Sint-Maria in Brecht. “Mensen moeten met elkaar overeenkomen. Dat is het voornaamste”, gaf hij als boodschap mee.

Op initiatief van Marc Van Roosbroeck interviewden heel wat leerlingen uit tal van Vlaamse scholen oorlogsveteranen zoals Jan Cools. Hun bijdragen werden gebundeld in de boeken Genummerd voor het leven en De laatste getuigen. “Bedoeling ervan is dat jongeren uit de geschiedenis lessen trekken voor de toekomst”, zegt Van Roosbroeck.

De getuigenissen van Jan Cools zullen het eerste hoofdstuk vormen van een derde boek dat De laatste boodschap gaat heten. “Toevallig kwam ik in contact met Marleen Cools, dochter van Jan. Zij zorgde ervoor dat de leerlingen met hem mogen praten”, aldus Van Roosbroeck.

Leen Adriaenssen, lerares geschiedenis, en directeur Jef Van Eynde van de Sint-Lambertusscholen begeleidden de meisjes Sara Dieltiens, Melise Mukundwa en Ruby Glazenmakers in hun opdracht. “We praten niet met oorlogsgetuigen omdat de school ons hiertoe verplicht. Nee, we zijn echt geïnteresseerd in geschiedenis”, aldus het drietal. Melise voegt eraan toe dat dit nog in sterkere mate geldt voor haarzelf: “Ik ben afkomstig van Rwanda en werd een jaar voor de genocide daar geboren.”

Krijgsgevangenschap

Jan Cools liet zich het vrouwelijke gezelschap welgevallen en vertelde met heldere geest over zijn krijgsgevangenschap in Buchenwald, dat ruim één jaar duurde. “Ik moest daar in het quarantainekamp Dora explosieven aandragen voor het graven van tunnels, die leidden naar de geheime werkplaatsen waar V1- en V2-bommen werden gemaakt. Die zouden later onder meer de hele gemeente Mortsel in puin leggen.

Het contact met het thuisfront gebeurde via brieven, en ik schreef er ook voor mijn kampgenoten die geen Duits kenden. Ja, brieven mochten we niet in het Nederlands schrijven”, herinnert Jan zich.

Hij zat ook een tijd in de gevangenis in Antwerpen. “Ik schreef toen boodschappen op sigarettenblaadjes en gaf die mee aan een kennis, Sus Kraai, die eerder vrijkwam dan ik. Hij bezorgde de papiertjes aan mijn moeder, uitbaatster van café De Tramstatie in Wuustwezel. Maar die had zo’n schrik dat zij die blaadjes direct in de kachel stak.”

Toen de meisjes hem vroegen welke boodschap hij voor de huidige generatie in petto had, antwoordde de 95-jarige na even nadenken: “Jonge mensen, belust op avontuur, moeten beter worden begeleid.”

Jan Vorsselmans

Meer nieuws uit stad en rand

Vastgoed

Auto's in de kijker

Jobs in de regio