'Tijdens een veiling regende het ooit briefjes van duizend frank'
21/03/'08
Westerlo (2260)
Jos Vermeulen blaast vandaag 62 kaarsjes uit. Hij praat nog met zoveel passie over zijn job als uitbater van veilingzaal Frema dat je haast zou vergeten dat de man op pensioengerechtigde leeftijd is. Toch denkt hij er stilaan aan om de fakkel door te geven. ”De volgende generatie is klaar om het over te nemen”, vertelt Jos. ”Maar zelfs dan zal ik nog wel een handje toesteken.”
Jos Vermeulen uit Tongerlo (Westerlo) baat al sinds 1986 veilinghuis Frema
uit, maar de zaal kent een lange voorgeschiedenis. Zijn ouders Frederik en Maria, naar wie de zaal genoemd is, startten Frema in 1958 op als bioscoopzaal.
Vier jaar later was het filmsprookje al ten einde. Het werd een balzaal en zoon Jos Vermeulen toverde die later om tot een veilinghuis.
Hoe ben je op het idee gekomen om van de balzaal een veilinghuis te maken?
Jos Vermeulen: Het was eerder toevallig. Ik heb altijd graag rommelmarkten
bezocht en zo is de idee ontstaan om zelf eens een kleine veiling te organiseren. Het was een enorm succes en daaruit is het stilaan gegroeid. In 1986 kreeg ik bezoek van een aantal gerechtsdeurwaarders. Zij waren op zoek naar een zaal waar in beslag genomen goederen geveild konden worden. Zo is alles in
een stroomversnelling gekomen.
Verkopen jullie uitsluitend spullen die gerechtelijk zijn aangeslagen?
Neen, helemaal niet. Iedereen die iets te koop wil aanbieden, kan hier terecht. Goederen die uit een gerechtelijke aanslag komen, worden trouwens ook niet onmiddellijk verkocht. De eigenaar kan zijn schulden nog altijd betalen tot de dag dat de openbare verkoop plaatsvindt.
Leidt zo’n inbeslagneming soms niet tot hartverscheurende taferelen?
In dit vak kun je je aan alles verwachten. Ik heb mensen zien huilen die emotioneel geen afstand konden doen van de spullen van hun overleden ouders.
Ik heb ook al familieleden zien ruziën over de verdeling van een inboedel die nauwelijks een habbekrats waard was.
En ik ben getuige geweest van leefomstandigheden die je in Vlaanderen niet voor mogelijk houdt. Ik ben in huizen geweest van jonge gezinnen met kinderen die hun huur niet meer konden betalen. Zij woonden echt in vuilnisbelten. De papflessen van de baby’s lagen gewoon in de hondenpoep. Zulke dingen hebben Sien en Maria, de poetscoryfeeën van het VTM-programma Schoon en meedogenloos nog nooit gezien.
Kom je ook weleens grappige situaties tegen?
Absoluut. Ik heb eens een doos met bedlinnen geveild. Ik haalde er enkele
dekens uit om ze te tonen en plots begon het briefjes van duizend frank te regenen. Zeventien stuks zaten erin verborgen, maar die heb ik weer aan de
eigenaars bezorgd.
Hoelang wil je er nog mee doorgaan?
Ik denk stilaan aan uitbollen. Mijn zoon zit bij in de zaak en mijn twee schoonzonen helpen mee tijdens de weekends. Ik ben onlangs na een operatie een halfjaar buiten strijd geweest en de zaak is blijven draaien. Dat wil zeggen dat de volgende generatie er klaar voor is.
Ik zal altijd wel een handje blijven toesteken, maar ik wil toch wat meer tijd vrijmaken voor mijn hobby’s. Ik verzamel oude filmaffiches en heb drie
oldtimers, een Ford Galaxy uit ’64, een Mustang uit ’66 en een Pontiac uit ’58.
Als ik met pensioen ben, ga ik wat vaker deelnemen aan rondritten.
Hoe kwam het dat de bioscoop van je ouders zo’n kort leven beschoren was?
Om te beginnen was de concurrentie moordend. Elk dorp had in die tijd zijn
eigen bioscoopzaal. Bovendien werden cinema’s toen beschouwd als oorden van verderf. Priesters raadden hun parochianen ten stelligste af om naar de bioscoop te gaan. In de scholen was het al niet anders. De leraars gaven hun schoolkinderen een lijstje mee met films die ze wel en niet mochten bezoeken.
De sociale controle was enorm. Maar de echte doodsteek was de opkomst van de televisie.
Dan hebben je ouders maar besloten om Frema om te bouwen tot balzaal?
Dat was oorspronkelijk niet de bedoeling. Eigenlijk was de zaal zo goed als
klaar om er een grootwarenhuis van te maken. Ik was ondertussen zestien en
bezocht op zondagnamiddag al eens een bal in de buurt. Misschien heeft dat mijn vader geïnspireerd om ter gelegenheid van de kermis ook eens een orkest uit te nodigen.
Dat was bedoeld als een eenmalig experiment, maar de formule sloeg zo aan dat mijn vader besloot om van Frema een balzaal te maken. In de jaren zestig en de eerste helft van de jaren zeventig was Frema een begrip bij de lokale jeugd.
En die traditie heb jij verdergezet toen je de zaal overnam?
Ik heb Frema begin jaren zeventig overgenomen. Dat was de periode dat de
discobars de fakkel overnamen van de liveorkesten. Op die tendens heb ik dan
ook ingespeeld en Frema heeft nog enkele jaren goed gedraaid als balzaal. Maar in de tweede helft van de jaren zeventig kwam er sleet op de formule.
Door een gelukkige samenloop van omstandigheden is de balzaal in die periode
uitgegroeid tot verenigingshuis. Het toeval wou dat enkele verenigingen zoals de Gilde en de Duivenbond op zoek waren naar een vast lokaal. In een mum van tijd had een twaalftal verenigingen hier een vaste stek.
En tot slot: hoe viert Jos Vermeulen zijn 62ste verjaardag?
Heel bescheiden. Ik ga mijn vrouw, mijn drie kinderen en hun partners en mijn
drie kleinkinderen trakteren op een lekker etentje.
Danny BEYENS