Kunstencampus komt er niet
09/12/'09
Herentals (2200)
De beloofde nieuwe
kunstencampus in de
Markgravenstraat komt er
(voorlopig) niet. De stad
heeft geen geld voor de
nieuwbouw, die een slordige
tien miljoen euro ging kosten.
Enkele weken geleden nog werd
het ontwerp van het moderne gebouw,
dat spoedig de Markgravenstraat
zou sieren, door het schepencollege
voorgesteld en werd
het begin van de werkzaamheden
in 2011 gesitueerd. Maar wegens
zwaar tegenvallende belastingsinkomsten
moet de stad die woorden
nu inslikken. De bouw van de kunstencampus
wordt doorverwezen
naar de volgende bewindsploeg
(2013-2019).
“De crisis weegt zo zwaar op de
begroting van de stad dat de bouw
van de kunstencampus er tijdens
deze legislatuur niet meer inzit”,
zegt Cultuurschepen Ingrid Ryken
(CD&V). “Het zou zeer onverstandig
zijn de begroting te
overbelasten met dit project. Ons
nog dieper in de schulden steken,
zou geen voorbeeld zijn van ‘goed
bestuur’.”
Herstellingen
Ryken belooft ter compensatie
wel een bijkomend budget om
noodherstellingen te doen in de
tot op de draad versleten gebouwen
van de academie voor Beeldende
Kunst in de Markgravenstraat.
Dat mag wel: lekken in het
dak zorgden er de afgelopen jaren
geregeld voor dat de elektriciteit
uitviel. Men kan moeilijk van schilders
en beeldhouwers verwachten
dat ze in het donker werken. Ook
de verwarming van het oude academiegebouw
behoeft aandacht,
beseft de schepen van Cultuur.
Maar, zo meent Ingrid Ryken,
uitstel is geen afstel. “Het was een
moeilijk keuze, maar we konden
niet anders dan vaststellen dat de
lasten te zwaar zouden zijn.”
Twee fases
Het oorspronkelijk plan was om
de kunstencampus, die de muziekacademie
en de academie voor Beeldende
Kunsten zou verenigen, in
twee fases te bouwen. Fase 1 werd
op 6 miljoen euro begroot, fase 2
zou 3,3 miljoen euro kosten.
In het
gebouw zou ook het uit zijn voegen
barstend administratief archief van
de stad komen. De ‘tekenacademie’
telt 550 studenten en heeft achttien
leerkrachten, de muziekacademie
telt 1.400 leerlingen en 77 leerkrachten.
Marc HELSEN