dinsdag, 21 mei 2013
aanmelden
Regen 10° / 12° Regen

Jeugdcriminaliteit steeg lichtjes in 2008: Bedenkingen

27/03/'09 John de Wit 1. De Kamercommissie Justitie was afgelast om de commissarissen toe te laten om naar de studiedagen te gaan. Maar dat was geen groot succes. Alleen Stefaan Van Hecke (Groen) en Bruno Stevenheydens (VB) daagden ook twee dagen op. Voor het slotdebat kwamen ook nog Clothilde Nyssens (cdH) en Mia De Schamphelaere (CD&V) langs, net als senator Tony Van Parys (CD&V) en volksvertegenwoordiger Ludwig Vandenhove (sp.a), die overigens niet in de Kamercommissie Justitie zit. Voor de rest schitterde iedereen door afwezigheid. Wel hadden enkele commissarissen hun medewerker gestuurd.

2. Het congres heeft voor het eerst sinds Marc Verwilghen dat begin van deze eeuw deed, in België alle betrokkenen samengebracht. Dat is geen geringe prestatie. Het congres gaf wellicht een goed beeld van wat leeft in de Belgische jeugdbeschermingssector.

Maar oplossingen voor de problemen waar de publieke opinie van wakker ligt (veelplegers en zware criminele feiten) kwamen er niet.

De jeugdbeschermingssector lijkt de problemen wat te minimaliseren en lijdt aan "benoemingsvrees". Zo gauw je een probleem benoemt, "stigmatiseer" je al. Je mag jeugddelinquenten geen "jeugddelinquent" noemen en je mag ouders die de opvoeding van hun kinderen zo verwaarloosd hebben dat ze in de criminaliteit verzeild zijn, geen ouderstage opleggen, want dan worden ze "gestigmatiseerd". Door deze benoemingsvrees steek je de kop in het zand voor soms heel zware problemen.

3. Daar komt bij dat de sector liever niet wil geconfronteerd worden met de publieke opinie en evenmin met de slachtoffers van zwaar jongerengeweld. Voor de sector staat het beschermingsmodel uit 1965 centraal. En dan tellen alleen de belangen van de minderjarige dader.

Dat is een paradox. Terwijl bij meerderjarige daders de slachtofferorganisaties stilaan wat te veel inspraak krijgen in allerlei regelingen, is die bij minderjarige daders totaal afwezig. Behalve bij de beperkte groep voor wie herstelrecht wordt toegepast. Maar ook daar staat het belang van de dader centraal.

4. Het is natuurlijk fantastisch dat de meeste veldwerkers idealisten zijn en dat zij vurig geloven in het nut van hun werk. Die instelling kan niet genoeg gekoesterd worden. Maar ze mag niet blind maken voor het feit dat de wet van 1965 op een aantal punten versleten is.

Niet alleen gaat deze wet ervan uit dat iedereen - zelfs de zwaarste, sterkst recidiverende criminele jongere - opvoedbaar is tot een keurige burger, wat onrealistisch is en overspannen verwachtingen schept, maar ook definieert ze jongeren tot hun achttiende als 'onverantwoordelijken'. Wat onrealistisch, onconsequent en zelfs beledigend is.

De wet van 1965 is gemaakt in een periode dat het gezag nog pal overeind stond (mei 68 was nog niet gepasseerd), de multiculturele samenleving nog niet bestond, de criminaliteit niet zo gewelddadig was als nu en het geloof in de mogelijkheden van opvoeding en sociale sturing van de samenleving onrealitisch groot waren.

Een minderjarige van 14 jaar uit 1965 was heel wat minder "volwassen" dan een minderjarige uit 2008. Een minderjarige van toen had ook veel minder rechten dan één van nu. Er zijn ondertussen veel rechten voor minderjarigen bijgekomen, maar geen plichten. Minderjarigen zijn nog altijd bijna even onverantwoordelijk als in 1965, zelfs voor zware geweldfeiten tegen personen.

Is de wet van 1965, in haar dagelijkse toepassing, bovendien niet te veel afgestemd op de westerse schuldcultuur van de blanke jeugdcrimineel, die in 1965 de enige jeugdcrimineel was, maar nu een minderheid vormt?

Om de kansen op succes te vergroten, moet de hulpverlening afgestemd zijn op de eigen cultuur van de dader. Kan men van onze opvoeders verwachten dat zij zich kunnen inleven in de honderden culturen op het grondgebied van ons land? En als dat niet zo is, zou men dan niet beter de overspannen verwachtingen om iedere minderjarige op te voeden tot een keurige burger laten varen?

5. Opvallend is terzake dat er geen onafhankelijke evaluatie bestaat van alle opvoedende projecten voor criminele minderjarigen. Ieder project evalueert een beetje zichzelf en bij vele projecten speelt een Vermassen-effect: net zoals de beroemde advocaat zijn cliënten zo weet uit te kiezen dat hij zijn zaken altijd wint, kiezen de projecten hun cliënten zo uit dat de recidive op korte termijn minimaal is.

Metingen van de recidive op langere termijn zijn er niet en er blijft een restcategorie van criminele minderjarigen over die niemand wil. En zij zijn vermoedelijk de ergste. Een globale evaluatie dringt zich dus op, want het is evenmin duidelijk welke projecten nodig zijn en welke nog moeten worden gecreëerd.

6. Maar van deze ideeën drong weinig door. Nogal wat congresgangers klampten zich ietwat verstard vast aan zekerheden uit de oude doos en wimpelden iedere kritische bedenking weg alsof het "een pleidooi voor repressie" is. Voor de jeugdbeschermingssector lijkt de dader te vaak…een slachtoffer.

Laten we elkaar niet mis verstaan. Natuurlijk werkt de repressie niet tegenover zware criminelen. Niemand komt beter uit de bajes, op een zonderling na.

Maar ook de zuiver opvoedkundige aanpak van de wet van 1965 heeft onvoldoende gewerkt, want - zelfs volgens de fanatiekste aanhangers van de wet van 1965 zelf - is de jeugdcriminaliteit niet gedaald door die wet.

7. Blijft het punt dat sommige minderjarigen (een heel kleine, maar gevaarlijke minderheid) soms vele tientallen geweldsfeiten op hun kerfstok hebben, waarvoor ze niet geresponsabiliseerd of gestraft kunnen worden. Ze worden soms onmiddellijk na de feiten weer vrijgelaten. Everberg moest in 2008 297 zware criminele minderjarigen vrij laten gaan, drie keer zoveel als in 2007.

Dit is een onhoudbare toestand. De burger heeft recht op veiligheid, op de bescherming van de wet. Dat geldt vooral voor de zwakkere burgers, die geen centjes hebben om voor private beveiliging te zorgen. Een vijftienjarige met 50 geweldsfeiten op zijn kerfstok, pak je niet aan met een berisping, een pedagogisch praatje en een theorie van "nieuwe kansen". Hoe grof dat ook klinkt: hij moet uit de samenleving worden verwijderd in het algemeen belang. Incapacitatie is na repressie en opvoeding tot wederaanpassing ook een doel van de strafrechtsbedeling. En dat laatste is nu onmogelijk.

Bovendien zou zo'n minderjarige moeten worden gestraft. Zware feiten vereisen straffen, ook bij minderjarigen. Ook dat is nu onmogelijk. (Zie 'Vreysen: Geen leeftijdsgrens voor jeugdcriminelen meer' , nvdr)

De sector formuleerde geen aanbevelingen voor de aanpak van die (beperkte, maar ernstige) vorm van criminaliteit waar de burger het meest bang van is. Het congres verdient dus zeker een opvolging. Minstens over de drie prangende problemen: dat van de veelplegers; dat van moffen die zware geweldsfeiten plegen; dat van psychiatrisch gestoorde moffen. De eerste twee groepen zijn heel beperkt en het zou fout zijn het hele jeugdbeschermingsmodel voor iedereen op te geven. Maar ze vergen wel een aparte aanpak, waarbij ook rekening moet worden gehouden met de belangen van de samenleving en die van de slachtoffers.


Franstalig gemeenschapsminister Cathérine Fonck (cdH) sloeg spijkers met koppen toen ze zegde dat een modern beleid tegen jeugdcriminaliteit rekening moet houden met vier elementen: de openbare veiligheid; de opvoeding; het recht om verschillend te zijn; de rechten van de slachtoffers.

En Fonck waarschuwde: "Wie geen rekening houdt met de mening van de slachtoffers, zal op termijn de verwerping van de criminele jongeren uit de samenleving bevorderen".

Het waren wijze woorden.

Lees ook:
Jeugdcriminaliteit steeg lichtjes in 2008

Meest gelezen
  • Vrouw (76) gekneveld en dood teruggevonden door zoon vrouw 76 gekneveld en dood terug gevonden door zoon

    06:13 Antwerpen-Noord (2060) In haar appartement op de Antwerpse Dam is zaterdag de 76-jarige Leopoldine De Decker vermoord teruggevonden. De alleenstaande vrouw was gekneveld en met kleefband vastgebonden. “Deze gewelddadig…

  • Van Campenhout stapt zelf naar Integriteitsbureau van campenhout stapt zelf naar integriteitsbureau

    06:41 Gemeenteraad "Men insinueert corruptie van mijn kant. Wel, ik stap morgen naar het Integriteitsbureau”, antwoordt schepen Ludo van Campenhout (N-VA) op de aantijging van Yasmine Kherbache (sp.a) als zou de …

Regionaal nieuws
Recent Nieuws
Meer Recent Nieuws