zaterdag, 26 mei 2012
aanmelden registreren
 13° / 25° Helder

Het parketrapport van 2011 over slechte wetten

17/02 John de Wit 17 FEBRUARI 2012 - Schijnhuwelijken mogen alleen nog vervolgd worden bij geweld, dwang, herhaling, als er netwerken mee gemoeid zijn of als er voor betaald wordt. Een DNA-test moet verplicht worden om een kind te erkennen. De wet op de gezinshereniging zal niet veel veranderen, want de schijnsamenwoonsten kunnen niet gecontroleerd worden. Er moet aan nationale databank met identiteitsdocumenten komen om vervalsingen vlugger op te sporen. Dat zijn slechts enkele voorstellen uit het jaarlijks rapport over "slechte wetten", dat het college voor procureurs-generaal zopas in de Kamer heeft ingediend. Het college wil ook een wet op draagmoeders en de afschaffing van de wet op de openbare dronkenschap. Een overzicht.

Het college van procureurs-generaal heeft zopas een nieuw rapport ingediend in Kamer en Senaat over "slechte wetten".

Het college moet dat ieder jaar doen door de wet van 25 april 2007. Die richtte een Comité voor Wetsevaluatie op en vanaf 2008 diende het College ieder jaar een uitvoerig verslag in over problemen die de parketten vaststellen bij de toepassing van nieuwe wetten. Het Comité voor Wetsevaluatie, dat uitsluitend uit parlementsleden van Kamer en Senaat bestaat, heeft tot op heden nog geen enkele van deze aanbevelingen besproken of voor bespreking doorverwezen naar de Kamer- of Senaatscommissie Justitie.

In de inleiding op zijn pas gepubliceerd jaarrapport van 2011 hekelt het college "de voortdurende wetswijzigingen op zoveel domeinen, die het fundament van de rechtszekerheid aantasten". Het college dringt aan op een grondig overleg en dat blijft nu al vijf jaar lang uit, hoewel er nu voor het eerst een hoorzitting van de procureurs-generaal is geweest op 21 november 2011. Maar die heeft nog niets concreets opgeleverd.

Door dit gebrek aan overleg wordt de wet die het Comité voor Wetsevaluatie oprichtte eigenlijk ook "niet efficiënt uitgevoerd", zo schrijft het college fijntjes.

We delen dit artikel als volgt op: eerst volgen de nieuwe voorstellen van 2011 op het vlak van het strafrecht; vervolgens die op het vlak van het sociaal strafrecht; dan die op het vlak van het burgerlijk recht; daarna brengen we enkele bedenkingen.

1. STRAFRECHT

Het Openbaar Ministerie kaart dit jaar een reeks nieuwe problemen in strafwetten aan. Welke?

* OM wil dat in de wet op het politieambt een artikel wordt opgenomen waardoor een plaats waar een misdrijf is gepleegd, overal op dezelfde manier wordt afgebakend en afgeschermd voor mensen van buiten het gerecht. Nu is dat overal verschillend en laat de opname van sporen soms ernstig te wensen over.

* Er bestaat geen onmiddellijke inning voor overtredingen bij het verkeer op het water. Er is ook geen eenvormig vervolgingsbeleid terzake. Daardoor worden veel overtredingen van binnenschippers geseponeerd.

* Er moet een nationale databank van beroepsverboden komen. Daarin moet iedereen zitten die van de rechter een verbod kreeg oplegd om nog bestuurder van of directeur in een bedrijf te zijn. Dat zou perfect kunnen bij de Kruispuntbank der Ondernemingen. Vroeger volgde dit verbod automatisch uit bepaalde veroordelingen (oplichting, schriftvervalsing, misbruik van vertrouwen), maar door een wet op initiatief van Renaat Landuyt (sp.a) moet dat verbod in ieder geval worden uitgesproken en gemotiveerd. Daardoor wordt het veel minder opgelegd en is men het overzicht ook een beetje kwijt.

* Het college verzet zich uitdrukkelijk tegen voorstellen om de strafrechtelijke aansprakelijkheid van burgemeesters af te schaffen of te beperken. Tijdens de vorige legislatuur werd een aantal voorstellen in die zin ingediend. Dat gebeurde naar aanleiding van burgemeesters die veroordeeld waren voor de slechte staat van het wegdek met verkeersongevallen tot gevolg.

* De huidige wet op de mensenhandel bevat fouten. Ze vooronderstelt een netwerk bij seksuele uitbuiting en bij uitbuiting van bedelaars. Maar niet bij economische uitbuiting. Dat kan niet voor het college.

"Gewone" seksuele uitbuiting door één persoon zonder achterliggend netwerk zou volgens de huidige wet geen mensenhandel meer zijn, maar pooierij. Gevolg is dat bepaalde schrijnende gevallen van mensenhandel in de prostitutiesector geen mensenhandel meer zijn, waardoor de slachtoffers ook minder goed beschermd zijn. Vooral de Belgische slachtoffers zijn hiervan de dupe. Het college wil dat de definitie van mensenhandel voor alle soorten mensenhandel dezelfde is.

* Aanzetten tot het plegen van terreurdaden, mensen hiervoor opleiden en mensen recruteren voor een terreurgroep moet uitdrukkelijk strafbaar worden. Dat had al sinds 9 december 2010 gebeurd moeten zijn van een Kaderbesluit van de Europese Unie, maar het is nog altijd niet gerealiseerd.

* Slachtoffers van huisjesmelkers moeten worden beschermd zoals slachtoffers van mensenhandel. Als ze illegaal in het land zijn, moeten ze dus een verblijfsvergunning kunnen krijgen als ze meewerken aan het gerechtelijk onderzoek tegen hun verhuurder. Nu kan dat niet.

* Het college wil dat de BOM-wet, de wet op de bijzondere opsporingsmethodes van de politie, dringend wordt aangepast. Wie de identiteit van een undercoveragent, die als politieman in een criminele organisatie geïnfiltreerd is, onthult, moet strafbaar worden. Bovendien moeten politiemensen zich zonder veel plichtplegingen onder een valse identiteit op het internet kunnen bewegen om daar misdrijven (racisme, kinderporno) op te sporen.

* Drugsverslaafden kunnen momenteel aan een bestraffing ontsnappen als ze een therapie volgen. Het college wil twee wijzigingen aan deze regeling:

== Nu moet de dader zich zelf op zijn verslaving beroepen om die therapie opgelegd te krijgen. Nogal wat daders vinden zichzelf niet "verslaafd" en willen geen therapie. Het parket kan die dan niet eisen. Het openbaar ministerie wil ook dat in betwiste gevallen een diagnose kan worden gesteld.

== Voorts moet zo'n therapie toch een jaar kunnen duren. Nu is die termijn maar zes maanden en dat is te kort.

* Het openbaar ministerie moet een blanco strafregister kunnen tegenhouden in bepaalde gevallen. Zo kan een pedofiel momenteel toch nog een blanco strafregister hebben hoewel hij al een strafbemiddeling of een minnelijke schikking kreeg. Hetzelfde kan als er nog een onderzoek tegen hem loopt en hij vrijgelaten is onder voorwaarden, of als dat onderzoek nog niet tot een definitieve veroordeling heeft geleid. Het college wil blijven waken over het vermoeden van onschuld, maar als over de feiten geen twijfel bestaat of als er minstens zeer erge schuldaanwijzingen bestaan, dan zou het parket een blanco strafregister moeten kunnen blokkeren. Zo wil het college verhinderen dat de verdachte met zijn blanco strafregister nieuwe slachtoffers maakt.

* De justitieassistent, die het slachtoffer ondersteunt, moet altijd aanwezig kunnen zijn bij zittingen achter gesloten deuren. Nu is er overal een verschillende praktijk en dat komt door een onduidelijke wetgeving.

* Een partij die bij een rechtszaak betrokken is, zou maar één kopie van het dossier mogen krijgen. Als ze een papieren versie van het dossier wil, dan mag er geen maximumtarief van 1.250 euro te zijn. Als men ook een kopie van de bewijsstukken wil, dan zal men moeten zeggen welke stukken en dan moet per stuk worden betaald, zo meent het OM.

Nu zijn er nogal wat misbruiken. Zo vroeg een verdachte vier keer een volledige papieren kopie van het dossier van 28 "kartons" met toch makkelijk 1.000 pagina's per karton. Soms vraagt men kopie van alle bewijsstukken (60 dozen), waarin bv. ook de volledige eigen boekhouding zit (die men zelf al heeft). Dat verlamt de werking van de griffies en is peperduur (kopies, papier, personeel) en moet dus beperkt worden. Om terzake te besparen moet de wet worden veranderd.

* De strafuitvoeringsrechtbanken moeten zelf kunnen bepalen hoelang een veroordeelde in aanmerking komt voor elektronisch toezicht ter voorbereiding van een voorwaardelijke invrijheidsstelling. Nu is die termijn beperkt tot vier maanden.

* De Belgische vertegenwoordiger in Eurojust, het Europees parket in wording, moet het statuut van federaal magistraat krijgen. Ze moet ook meer Belgisch personeel krijgen en het federaal parket moet de mogelijkheid hebben om conflicten tussen plaatselijke parketten en Eurojust te voorkomen.

* Het rapport bevat ook alle honderden voorstellen die al de voorbije jaren werden ingediend, maar waarmee het parlement nog niets heeft gedaan. Denken we slechts aan de vele fouten in de nieuwe assisenwet (zie: hier, nvdr), aan de afschaffing van de openbare dronkenschap.

Het college herhaalt ook zijn dringend verzoek van vorig jaar om een wet op het draagmoederschap te stemmen. Het voegt er dit jaar aan toe dat er één gespecialiseerde rechtbank moet worden aangeduid om dit soort geschillen te beslechten. "Zo'n wet is des te meer nodig nu het draagmoederschapstoerisme van homoseksuele echtparen naar Oekraine en Californië toeneemt omdat commercieel draagmoederschap daar mogelijk is. En bovendien omdat de Gentse universiteit in 2012 met een project rond onbezoldigd draagmoederschap wil starten", zo luidt het.

2. SOCIAAL STRAFRECHT

Ook in de sociale en fiscale sector worden een aantal voorstellen geopperd. Sommige werden al gesuggereerd tijdens de hoorzitting die de Kamercommissie Justitie organiseerde over de roemruchte openingsrede van de Antwerpse procureur-generaal Yves Liégeois op 1 september 2011 over het falende migratiebeleid. (Zie: hier,nvdr.)

* Alle bestuurders van een vennootschap moeten een basiskennis bedrijfsbeheer hebben. Nu moet slechts één van hen dat en de bestuursmandaten in een vennootschap worden nogal eens gebruikt om buitenlandse werknemers in te schrijven als zelfstandigen om zo belastingen te ontduiken. In het verleden oefenden sommige mandatarissen hun mandaat maar heel kort uit, om vervolgens naar het OCMW te kunnen gaan voor steun.

* Slapende vennootschappen die al drie jaar geen economische activiteit meer hebben ontplooid, moeten kunnen worden ontbonden. Nu kan men dat alleen als ze drie jaar lang geen jaarrekeningen meer hebben ingediend. Maar dat is onvoldoende. Slapende vennootschappen worden vaak gebruikt bij sociale en fiscale fraude, hetzij in BTW-carrousels, hetzij om schijntewerkstelling te "bewijzen" om naar de dop te kunnen gaan.

* De procedure om na te gaan of een werkloze met iemand samenwoont moet drastisch worden vereenvoudigd. De huidige procedure is onwerkbaar, zodat misbruiken niet kunnen worden gecontroleerd.

* Als een buitenlander hier wil gaan doppen, dan tellen de jaren die hij in zijn eigen land heeft gewerkt mee om na te gaan of dat kan. Dat kan niet gecontroleerd worden en het zet de deur open voor sociale fraude, zo meent het college.

* Wie dopt en toch een dag werkt, moet dat op voorhand aanduiden op zijn dopkaart. Voor die gewerkte dag krijgt hij dan geen werklozensteun en is hij in orde als er dan controle van de sociale inspectie komt. Maar, zo betoogt het college, niets belet betrokkene om op het einde van de maand gewoon een nieuwe dopkaart in te vullen de oude te verscheuren. De dopkaarten moeten worden genummerd, zodat iedereen er maar één per maand kan gebruiken.

* Er is momenteel ook geen controle meer mogelijk op doppers die met een zelfstandige samenwonen en daar wat meehelpen.

3. BURGERLIJK RECHT

Ook voor het burgerlijk recht stellen de hoogste parketmagistraten enkele nieuwe dingen voor, maar sommige werden eveneens al aangekaart tijdens de hoorzitting over de mercuriale van Yves Liégeois:

* Er moet een centrale dienst komen om de identiteit van iedereen die ons land binnenkomt te controleren. Nu worden nogal wat foute identiteiten opgegeven, hetzij uit angst om teruggestuurd te worden naar het herkomstland, hetzij omdat men documenten van anderen gebruikt, hetzij omdat namen verkeerd overgeschreven zijn, hetzij met een bewust crimineel doel. Bovendien mag de identiteit die de betrokkene na zo'n strenge procedure van die dienst krijgt, later niet meer veranderd kunnen worden.

* Steeds meer buitenlanders erkennen een kind dat niet het hunne is. Ze doen dat om zo een verblijfsvergunning in ons land te krijgen via dat kind. Om deze schijnerkenningen tegen te gaan, zou het parket een DNA-test moeten kunnen eisen vooraleer iemand als vader erkend wordt.

* De gevolgen van een nietig verklaard huwelijk worden momenteel niet uitgevoerd. Zo kan men wel een bevel krijgen om het land te verlaten, maar dan duikt men onder en wordt later geregulariseerd. Dat is geen sanctie, vindt het openbaar ministerie. Bovendien kan men de Belgische nationaliteit behouden ook nadat het schijnhuwelijk dat er aanleiding toe gaf is ontbonden. Moet veranderen, zo luidt het.

* Ook de echtscheidingswet moet worden aangepast om schijnhuwelijken tegen te gaan. Nu is scheiden erg makkelijk, het kan ook heel snel. Het Openbaar Ministerie wil de misbruiken tegengaan. Als tijdens een echtscheidingsprocedure uitkomt dat het om een schijnhuwelijk ging, dan moet die echtscheidingsprocedure zonder formaliteiten worden opgezet in een nietigheidsprocedure. Na een nietig huwelijk verliest men immers het recht op verblijf in het land (en mogelijk ook de Belgische nationaliteit), bij een echtscheiding niet.

* Er moet een meldpunt komen waar slachtoffers van schijnhuwelijken hun klacht kunnen indienen.

* Het openbaar ministerie wil ook een regeling voor de overlapping van procedures. Nu kan een strafprocedure een burgerlijke procedure doorkruisen en ook kunnen meerdere procureurs bevoegd zijn voor dezelfde feiten.

* Het OM stelt voor om schijnhuwelijken alleen nog maar te vervolgen bij herhaling, geweld, dwang, gebruik van netwerken, of als er voor betaald wordt. In alle andere gevallen zou het OM deze zaken burgerlijk willen afhandelen, ook omdat de bewijscriteria daar minder streng zijn.

* De nieuwe wet op de gezinshereniging zal het "aanzuigeffect" op mensen die door de makkelijke Belgische wetgeving naar hier willen afzakken, niet veel doen afnemen. De voorwaarden die de wet opsomt om schijnsamenwoonsten te voorkomen, kunnen immers niet gecontroleerd worden. Een gemeenschappelijk kind in het buitenland? Een samenwoonst in het buitenland? We kunnen het niet nagaan! Om het aanzuigeffect te verminderen zou maar pas na vijf jaar een definitieve verblijfsvergunning mogen worden toegekend aan samenwoners. In die tijd moet de samenwoonst systematisch en op onverwachte momenten gecontroleerd worden. In de nieuwe wet is die termijn drie jaar. (Voor meer uitleg over de nieuwe wet op de gezinshereniging, zie: hier, nvdr.)

* Er moeten gespecialiseerde parketten en rechtbanken op het niveau van de provincies of op het niveau van de hoven van beroep komen in de strijd tegen de schijnhuwelijken.

* Het college pleit eveneens voor een nationale dienst die alle buitenlandse documenten controleert. Nu zijn die soms onbetrouwbaar, omdat in de herkomstlanden geen burgerlijke stand bestaat of omdat de ambtenaren er corrupt zijn. Andere problemen zijn: de kwaliteit van de vertaling is slecht. Of nog: de meest recente wetgeving van de herkomstlanden is niet beschikbaar en ook niet gekend door alle ambtenaren van de burgerlijke stand en door de bevoegde rechters. Zodat ze ook niet kunnen controleren of een bepaalde akte wel wettig is.

* Verder bevat het rapport alle voorstellen die de ploeg van Liégeois in september al in de Kamer formuleerde:

- er moet een nationale gegevensbank met alle schijnhuwelijken komen;

- tussen twee huwelijkspogingen moet een wachttijd van minstens een jaar liggen om te verhinderen dat iemand al vrij snel een nieuw schijnhuwelijk probeert al te sluiten;

- de straffen moeten op gelijk niveau komen met die voor bigamie (5 jaar in plaats van 3 maanden nu);

- een schijnhuwelijk sluiten moet een voortdurend misdrijf worden (dan start de verjaringstermijn pas bij de ontbinding van het huwelijk en niet bij de sluiting ervan; hierdoor kan men ook makkelijker buitenlandse schijnhuwelijken ontbinden in ons land)….

* En dan zijn er nog een reeks recente voorstellen over de snel-Belgwet, zoals bv. dat wie Belg werd door een huwelijk niet meer zelf andere personen Belg kan maken door een nieuw huwelijk. Of nog: dat integratie een voorwaarde wordt om Belg te worden; dat je niet zomaar verschillende aanvragen om Belg te worden bij verschillende autoriteiten (rechtbank en parlement) kan combineren en dat er een minimale wachttijd tussen twee aanvragen moet komen. De meeste van deze punten staan niet in het nieuwe wetsvoorstel van de Vlaamse partijen. Het college van procureurs-generaal wil m.a.w een veel strengere wet dan de Vlaamse partijen, N-VA incluis. (Over het voorstel van de Vlaamse partijen, zie: hier, nvdr.)

4. BEDENKINGEN

1. Het verschil tussen de technische monnikenvlijt waarmee de parketten-generaal ieder jaar rapporten maken over fouten in gestemde wetten en de nonchalance waarmee de verkozenen des volks met hun wetgevend werk omspringen wordt stilaan groot. Vanzelfsprekend moet het openbaar ministerie de wetten niet maken: dat is de taak van de verkozenen. Maar de parketten moeten die wetten wel toepassen en kunnen dus voorstellen ter verbetering signaleren. Het is ongelofelijk dat daarmee nu al zes jaar lang niets gebeurt. De werklust en de technische kennis van de parlementsleden is momenteel lager dan in de tijd toen Fred Erdman nog de Kamercommissie Justitie leidde (2000-2004). Dat is toch nog niet zo lang geleden. Nu is het dikwijls al moeilijk om voldoende kamerleden bijeen te krijgen om over een wetsvoorstel te debatteren. Nu komt de Commissie Justitie nog maar half zo dikwijls bijeen als in de periode van Erdman. Bovendien heerst in het parlement een sterke anti-parketsfeer. Dat hoeft niet te verbazen: vele leden van de Kamer- en Senaatscommissie zijn advocaat en zien het parket als hun natuurlijke tegenstrever. Terwijl het parket nochtans net als het parlement het algemeen belang vertegenwoordigt en niet een privébelang, zoals advocaten doen.

2. Omdat het parlement de meeste gesignaleerde fouten niet rechtzet of zich er niet om bekommert, wordt de wetgeving almaar ingewikkelder en contradictorischer. We willen niet zover gaan als Stijn Verbist die minstens vier jaar lang geen enkele nieuwe wet meer wil (zie: hier, nvdr), maar toch zouden nieuwe wetten aan een aantal criteria moeten voldoen, waarbij vereenvoudiging hoog in het vaandel moet staan. Een wetsvoorstel zou niet mogen ingediend worden als de kosten ervan niet berekend zijn en als ook niet berekend is op hoeveel gevallen in de werkelijkheid het van toepassing is. Nu worden te veel wetsvoorstellen gestemd met een gigantische kost die men niet heeft berekend. In andere wetsvoorstellen maakt men zich jarenlang druk over iets waaraan nauwelijks een praktijk beantwoordt (de holebi-adoptie bv.).

Misschien moet ook de visie van toenmalig LDD-Kamerlid en huidig N-VA-fractiesecretaris Rob Vandevelde worden gevolgd. Hij wilde in ieder wetsvoorstel een "sunset-clause", een zonsondergangclausule. Iedere wet zou na vijf jaar automatisch afgeschaft worden, tenzij het parlement ze herbevestigt. Voor grote wetboeken is dat natuurlijk niet haalbaar, maar voor de kleine wetjes die momenteel worden gestemd wel.

Misschien moet men ook het aantal artikelen van ieder wetsvoorstel beperken tot tien, om onbegrijpelijke programma- en mozaïekwetten tegen te gaan. In ieder geval zou ieder wetsvoorstel moeten worden uitgelegd in een taal die iemand met een diploma middelbaar onderwijs begrijpt en niet uitsluitend in juridisch potjeslatijn.

3. Verder valt helemaal niet in te zien waarom het college van procureurs-generaal niet verplicht een advies moet geven over alle voorstellen om de strafwet te veranderen of over zaken waar de parketten een rol in spelen. Tenslotte vraagt men zich werkelijk af waar de Commissie tot Herziening van het Strafrecht blijft. Toenmalig justitieminister Jo Vandeurzen (CD&V) vond die herziening van het strafwetboek in 2008 een taak van de Senaat, gecombineerd met specialisten. De Senaat deed niets. In 2010 nam justitieminister Stefaan De Clerck de Commissie op in zijn prioriteitennota (zie: hier, nvdr). Er is nog altijd geen commissie. Haar eerste taak is versimpelen, drastisch versimpelen. Daarom is het zeker nodig om niet-juristen in die Commissie op te nemen. Momenteel is er nogal wat amateurisme bij de wetgevende én de uitvoerende macht. Met al die krakkemikkige wetten tot gevolg.


Lees ook:

Het parketrapport van 2010 over slechte wetten

Liégeois: "Politiek immobilisme wurgt de rechtsstaat"

Het college over slechte wetten in 2007

Stijn Verbist wil vier jaar lang geen enkele wet meer

De hoorzitting over de rede van Liégeois over het migratiebeleid


*****************************************


Het dagelijkse nieuws over het justitiebeleid vindt U door in de functie "zoeken" rechtsboven op deze site de letters JDW in te tikken.


*****************************************



22/05 John de Wit 22 MEI 2012 - Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR) kreeg in 2011 4.162 meldingen van racisme en discriminatie binnen, 15% meer dan in 2010. Maar liefst 609 meldingen gingen over filmpjes van Sharia4Belgium, de …

11/05 John de Wit 11 MEI 2012 - Morgen betogen duizenden homo's en lesbiennes tegen gaybashing. De jaarlijkse 'Gay Pride', die traditioneel rond 17 mei plaatsvindt omdat dit de Internationale Dag tegen Homofobie is, staat dit jaar in het teken van homofoob …

07/05 John de Wit 7 MEI 2012 - Moet Vlaanderen een eigen instelling krijgen om discriminatie te bestrijden? Of moet Vlaanderen daarvoor het federale Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding (CGKR) bevoegd maken? Deze vraag stond vorige week …

15/04 John de Wit 15 APRIL 2012 - De opleiding van de politie ligt onder vuur. De regeling is te rigide en het onderwijs zit teveel in de kazernes, de onderwijsmethodes van de docenten zijn te ouderwets, de cursussen worden onvoldoende gecontroleerd, zodat de ene …

29/03 John de Wit 29 MAART 2011 - Morgen, vrijdag, heeft in de Antwerpse correctionele rechtbank de tweede zitting plaats van het proces tegen Fouad Belkacem, de leider van de salafistische organisatie Sharia4Belgium. Een overzicht van de feiten en het eerste …

19/03 John de Wit 19 MAART 2012 - De Kamer keurde vorige donderdag "in alle sereniteit" een herziening goed van artikel 195 van de Grondwet. Dat artikel regelt de procedure om de grondwet zelf te herzien. Het wetsvoorstel van Thierry Giet (PS) wordt een eerste …