Het jaarrapport voor 2007 van het Kinderrechtencommissariaat
15/11/'07
John de Wit
In het voorbije schooljaar kreeg het Vlaamse Kinderrechtencommissariaat 1.188 vragen en klachten binnen, negentig per maand. Dat zijn er een vijfde meer dan tijdens het schooljaar 2005-2006 en zelfs twee derde meer dan tijdens het jaar 2001-2002. De helft van de klachten gaat nog altijd over de gezinssituatie. Dat deelde de Vlaamse Kinderrechtencommissaris Ankie Vandekerckhove (foto) woensdag mee bij de voorstelling van haar jaarrapport.
Een derde van de meldingen (36,2%) kwam van minderjarigen vanaf 6 jaar met een gemiddelde leeftijd van 14 jaar en 4 maanden. Eens te meer gaat meer dan de helft (50,7%) van de vragen en klachten over de gezinssituatie, vooral over scheiding en opvoeding. Eén op de vijf (19%) handelt over school (vooral sancties, regels en afspraken en pestgedrag) en één op de tien (11,4%)over de hulpverlening. Uit die vragen en klachten blijkt dat volwassenen de rechten van minderjarigen niet altijd respecteren met soms flagrante schendingen op verschillende manieren. Zo wijten vele scheidende ouders allerlei problemen aan de trage rechtsgang, terwijl ze die zelf veroorzaken. Op het vlak van opvoeding merkt het Kinderrechtencommissariaat dat er meer geklaagd wordt over privacykwesties. Ouders stellen daar tegenover ze hun kinderen controleren omdat ze bang zijn aansprakelijk gesteld te worden voor hun gedrag.
Wat stelt het Kinderrechtencommissariaat voor?
Het gaat om een waslijst van voorstellen op allerlei deeldomeinen, waar kinderen een rol spelen. Een greep uit de voorstellen.
* Kinderen van gescheiden ouders, die afwisselend bij iedere ouder apart verblijven, moeten ook bij iedere ouder gedomicilieerd worden. Nu is dat niet zo. Maar voor premies en tegemoetkomingen, toegang tot sociale woningen of studiefinanciering is alleen de ouder van de domicilie officieel een "ouder met kinderen ten laste". Ook als mensen identiteitsdocumenten ophalen duiken soms problemen op. Dat moet veranderen.
* Onthaalmoeders die jonge kinderen opvangen moeten gediplomeerd zijn, net zoals een kleuterjuf. Nu is dat niet zo.
* Er moet een onafhankelijk orgaan komen dat definitief beslist over geschillen over straffen die leerlingen op school krijgen. Ook het lang aangekondigde leerlingenstatuut, waarin de rechten en plichten van leerlingen staan, blijft uit.
* Ook minderjarigen moeten recht op euthanasie krijgen.
* De verjaring van kindermishandeling mag maar pas starten als het kind meerderjarig is en de termijn om klachten af te handelen moet op twintig jaar komen. Hierdoor kan een mep die aan een driejarig kind is gegeven tot 35 jaar later nog berecht worden. (Een soortgelijke regeling bestaat reeds voor slachtoffers van seksuele misdrijven. Nogal wat deskundigen (o.a. de criminologische school rond professor Hans Crombag) zijn tegen al te lange verjaringstermijnen, omdat het heel moeilijk wordt om de feiten te bewijzen en onderzoek ook aantoont dat herinneringen die veel later opduiken vaak de feiten niet correct weergeven, of zelfs feiten "weergeven", die helemaal niet gebeurd zijn. Bovendien legt het voorstel van het Kinderrechtencommissariaat een verjaringstermijn van 10 jaar op (eenmaal verlengbaar met 10 jaar) voor àlle kindermishandeling. Maar elders geldt die termijn alleen voor misdaden, niet voor wanbedrijven. Dit voorstel is nog onaf en het zal in deze vorm de duidelijkheid in gerechtelijke materies niet bevorderen, nvdr)
Kindermishandeling
* De
pedogische tik moet uitdrukkelijk strafbaar worden, het wetsvoorstel van senator Sabine De Béthune (CD&V) moet worden goedgekeurd. (
Het probleem hierbij is dat iedere mep nu al strafbaar is, ze valt nl. onder slagen en verwondingen. De meeste justitiespecialisten achten het niet nodig om een aparte straf voor de pedagogische tik in te voeren, nvdr)
* Minderjarigen moeten op eigen houtje
naar de rechter kunnen stappen als hun ouders of voogd dat niet willen. Volgens het Kinderrechtensecretariaat is het onconsequent dat minderjarigen dit nu niet kunnen. Ze treden nl. wél zelf op in allerlei situaties met juridische gevolgen: als jobstudent, ze gaan zelfstandig wonen, ze bestellen een aankoop of ze bevallen. Het is dan ook niet meer dan logisch dat ze zelf naar het gerecht kunnen stappen.
Terzake meent het Kinderrechtensecretariaat dat iedere rechtbank alle kinderen van boven de twaalf jaar moet oproepen in zaken waarin ze betrokken kunnen zijn. Bovendien zou een rechter nooit mogen weigeren om minderjarigen te horen als die daar om vragen. Deze rechten mogen niet beperkt worden tot bepaalde materies en het is ook niet per se nodig dat de minderjarigen zich moeten laten bijstaan door een advocaat, ze moeten de juridische hulp kunnen inroepen van een gewone vertrouwenspersoon. Eerder ingediende wetsvoorstellen en -ontwerpen terzake moeten worden goedgekeurd.
* Kritiek is er ook op het Vlaamse decreet op
opvoedingsondersteuning. Dat creëert opvoedingswinkels, waar ouders met opvoedingsproblemen terecht kunnen. Het gaat om een soort van
Supernanny in de buurt. Het Kinderrechtencommissariaat heeft toch kritiek omdat het decreet geen definitie van wat een goede opvoeding precies is, bevat en omdat het zegt niets over de actieve rol van kinderen in de opvoedingsrelatie. Bovendien komen er alleen maar opvoedingswinkels in dertien centrumsteden, zodat andere gezinnen in de kou blijven.
Supernanny Wendy Bosmans
* Minderjarigen moeten ook een sociale woning en huursubsidies kunnen krijgen. Nu al mogen bepaalde minderjarigen, die thuis niet meer terecht kunnen, vanaf hun zestiende jaar
begeleid zelfstandig wonen. Ze wonen dan apart, maar krijgen nog hulp en steun van allerlei diensten, bij arbeidscontracten, financiële begeleiding e.d. Om een sociale woning te krijgen, moet je echter meerderjarig zijn. Of er is een waarborg nodig voor een privéwoning. Beide dingen remmen minderjarigen die begeleid willen wonen af om dat te doen. Daarom moeten de leeftijdsgrenzen voor sociale woningen veranderen en moeten minderjarigen huursubsidies kunnen krijgen. Volgens het Kinderrechtencommissariaat functioneert het begeleid zelfstandig wonen heel goed, maar is het woonbeleid hierop niet afgestemd.
* Kinderen van
illegalen mogen niet meer in een gesloten centrum worden opgesloten, zoals nu nog steeds gebeurt.
* Het beleid rond de
vijf minuten-regel is hypocriet. Deze regel verbood reclame vijf minuten voor en vijf minuten na kinderprogramma's op de televisie. In 2007 wilde Vlaanderen hem uitbreiden tot 15 minuten, maar onder druk van de Europese Unie schafte men de regel gewoon af. Het Kinderrechtencommissariaat was en is nog altijd voor het behoud van de vijf minuten-regel omdat de zorgplicht van de overheid belangrijker moet zijn dan de economische belangen van de reclame-industrie. Vlaanderen heeft de regel nu vervangen door een deontologische code.
Vandekerckhove: "Gedragscodes in de commerciële sector werken vaak niet. En hier dus ook niet. Het beleid is hypocriet omdat men de toepassing van de code onvoldoende controleert. Inhoudelijk staat de code niet op punt of haaks op andere beleidsdomeinen. Zo geldt de bescherming tegen reclame slechts voor minderjarigen tot zestien jaar. Waarom? Het is mij niet duidelijk. Verder moet reclame voor alcohol alleen maar geweerd worden rond programma's voor kinderen tot 12 jaar. Waarom? Andere ministers proberen nu net het alcoholgebruik te ontraden. De logica van dit beleid ontgaat mij".
* Kritiek is er ook op de nieuwe
jeugdbeschermingswet van Justitieminister Onkelinx. Vandekerckhove: "Minderjarigen mogen niet gestraft worden zoals volwassenen, maar door het systeem van uithandengeving blijft men dat toch doen. Dat mag niet van het Kinderrechtenverdrag. Het feit dat nu een aparte kamer binnen de jeugdrechtbank over uithandengegeven criminele jongeren beslist, verandert niets fundamenteels, want men legt nog altijd de straffen voor volwassenen op."
Laurette Onkelinx
Vandekerckhove wil eveneens dat minderjarigen dezelfde procedurele garanties krijgen als volwassenen als ze een misdrijf hebben gepleegd. "En dat is nu niet zo, want voor minderjarigen is dezelfde rechter onderzoeksrechter én 'bestraffende' rechter, terwijl dat bij volwassenen twee verschillende posities zijn." Ook het vermoeden van onschuld wordt geschonden door de herstelbemiddeling (waarbij dader en slachtoffer onder leiding van een hulpverlener onderhandelen over de schaderegeling). Vandekerckhove: "Als een minderjarige zo'n aanbod aanvaardt, dan is er geen enkele verplichting meer om de feiten te seponeren. Daardoor is het mogelijk dat wie een herstelbemiddeling aanvaardt, later toch nog een maatregel van de jeugdrechter krijgt en dat is een schending van het
non bis in idem-beginsel, dat zegt dat iemand nooit twee keer kan worden gestraft voor dezelfde feiten. Verder heb je in de jeugdbeschermingswet "statusdelicten", die niét in de strafwet staan, maar waarvoor de jeugdrechter toch maatregelen kan opleggen. Ik denk dan aan spijbelen en weglopen van huis. En ook dat schendt de basisbeginselen van een eerlijk proces. Tenslotte zijn een aantal maatregelen helemaal niet concreet uitgewerkt en ook dat kan niet. Hoelang duurt het huisarrest? Hoe moet het gecontroleerd worden? Deze regeling is te vaag".
15 NOVEMBER 2007