Comité P maakt rapport over secretaressen Koekelberg
16/09/'08
John de Wit
16 SEPTEMBER 2008 - Morgen discussieert de Kamercommissie Binnenlandse Zaken over de rol van drie rapporten van het Comité P. Die gaan over: de onwettige benoeming van twee secretaressen op de beleidscel van de commissaris-generaal van de federale politie, Fernand Koekelberg; het opzij schuiven van perswoordvoerster van de federale politie Els Cleemput, zonder dat ze gehoord was; de onwettige benoeming van een kabinetsmedewerkster van Dewael op de Algemene Inspectie. De rapporten werden al gisteren achter gesloten deuren besproken.
Morgen verantwoordt minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael (Open Vld) zich openbaar. Zijn beleidscel wordt in de rapporten van graaicultuur beschuldigd, maar hijzelf komt niet in het gedrang door de rapporten.
Wat staat in de rapporten?
Er zijn er drie.
1. Het belangrijkste rapport gaat over de Algemene Inspectie (AI). Deze dienst controleert de politiediensten in opdracht van de uitvoerende macht, van de minister van Binnenlandse Zaken dus. Hij behoort tot de geïntegreerde politie, maar is toch onafhankelijk van de politiediensten. Hij controleert, net als het Comité P, eventuele mistoestanden binnen de korpsen.
Het rapport schetst een graaicultuur binnen de politiecel op het kabinet van minister van binnenlandse Zaken Patrick Dewael, maar brengt de minister zelf niet in opspraak. Dit dossier leidde wel tot een gerechtelijk onderzoek bij het parket van Brussel.
Het bevat twee elementen:
Een eerste luik gaat over kabinetsmedewerkster Christa Debeck, een VLD-politica uit Oudergem die ook nog op het kabinet van onderzoeksrechter Bruno Bulthé, huidig Brussels procureur, heeft gewerkt. Volgens het Comité P "heeft Debeck echt geprofiteerd van haar functie op het kabinet van minister Dewael om een duur betaalde baan te krijgen bij de Algemene Inspectie van de politiediensten".
Debeck wilde auditeur worden bij de Algemene Inspectie, maar ze geraakte niet door het examen. Onmiddellijk vond men voor haar een nieuwe functie van vorser-raadgever uit, zodat ze op die nieuwe functie dan toch bij de AI kon worden tewerkgesteld.
Het Comité P stelt vast dat Debeck niet door het examen geraakte en dat zowel de grote baas van de AI, Luc Closset, als de adjunct-directeur-generaal, die de examencommissie voorzat, Guido Van Wymersch, lieten weten dat ze wél geslaagd was. Dat was immers nodig om ze naar die nieuw gecreërde functie te kunnen sturen.
Volgens het Comité P was het helemaal niet dringend om onmiddellijk een nieuwe functie voor Debeck te bedenken, want ze bleef nog een jaar lang op het kabinet van Dewael werken. Voor deze nieuwe functie waren geen functie-eisen opgesteld, de examencommissie kon er zich niet over uitspreken, er werd geen examen voor uitgeschreven en men offerde zomaar een plaats van auditeur op voor deze nieuwe post zonder de hiërarchische oversten hiervan in te lichten. Debeck legde niet eens de eed af bij de AI, vooraleer ze in haar nieuwe functie kwam, ze deed ook geen stage bij de AI, zoals nochtans wettelijk verplicht is. Ze deed haar stage zogenaamd op het kabinet van minister Dewael.
De idee van deze nieuwe functie kwam volgens het Comité P "uit het kabinet van minister Dewael zelf". Het Comité P zegt niet van wie dat idee kwam. Guido Van Wymersch, de huidige korpschef van Brussel, zegt hiervan niets te weten, maar het Comité P gelooft hem niet. Het stelt uitdrukkelijk dat hijzelf - buiten het kabinet - één van de belangrijkste architecten van deze constructie Van Wymersch zelf is.
Vandeurzen en Dewael, de voogdijministers van de AI
Dat Debeck die vetbetaalde baan echt wilde blijkt uit een kabinetsvergadering van 8 juni 2007 waarop zij volgens twee getuigen uitriep: "Alles of niets". Ze bedoelde daar volgens het Comité P mee dat als zij geen duur betaalde baan bij de AI kreeg, zijzelf de benoeming van de secretaressen Ricour en Savonet van de commissaris-generaal Koekelberg van de politie ook ter discussie zou stellen.
Voor het Comité P zijn er ernstige aanwijzingen van schriftvervalsing zowel bij de grote baas van de AI, Luc Closset als bij Guido Van Wymersch. Zij schreven immers dat Debeck geslaagd was in het examen.
Er zijn bovendien ernstige aanwijzingen van gebruik van valse stukken omdat het document waarop stond dat Debeck geslaagd was, werd gebruikt om haar naar de nieuwe functie van vorser-raadgever te detacheren.
Het Comité P stapte naar het parket van Brussel en niet naar het parket-generaal omdat er geen enkele aanwijzing is dat minister Dewael zelf hierbij betrokken was. Integendeel: het Comité P vond documenten waaruit bleek dat de minister werd voorgelogen en dat cruciale informatie werd achtergehouden.
Het Comité P stelt dat de AI een voorbeeldfunctie heeft, ook op het gebied van het personeelsbeleid.
Een tweede punt dat aan Luc Closset van de AI wordt verweten is dat hij zeven burgers van de AI buitensporige voordelen heeft laten toekennen op een moment dat dit wettelijk gezien nog niet kon.
Meer bepaald konden zeven burger-leden van de AI hun loon verhogen met bedragen tussen de 19% en de 50%, door de functies van deze personen te herkwalificeren nog voor de criteria over de wijze waarop de werkzaamheden van een functie beoordeeld moeten worden om ze in een bepaalde loonschaal te plaatsen, officieel waren. Hierdoor kon Debeck haar loon met 50% verhogen, aldus het Comité P.
Is het Ministerieel Besluit dat de loonsverhogingen toekende onwettig? De meningen zijn verdeeld, zo stelt het Comité P vast. Een beetje verder zegt het dat de gevolgde praktijk "niet onwettig lijkt", maar op zijn minst "merkwaardig". Er was geen advies gevraagd aan de juridische dienst van de federale politie, het bleek dat die eigenlijk negatief stond. Professor Renders (administratief recht, UCL), die door het Comité P was gecontacteerd voor juridisch advies, noemt het MB trouwens discriminerend, omdat niet valt in te zien waarom zeven burgers van de AI een weddeverhoging kregen en de andere leden niet.
Ook hier werd minister Dewael voorgelogen. Hem werd niet meegedeeld dat de criteria om die functies te rangschikken nog niet definitief waren en evenmin dat de juridische dienst van de federale politie tegen de weddeverhogingen voor die zeven mensen was.
Volgens het Comité P was het niet nodig om die extra vergoedingen toe te kennen, want de betrokkenen kregen al een extra toelage van de Algemene Inspectie.
Closset gaf in dit tweede luik volgens het Comité P "blijk heeft van haast en onbezonnenheid".
Luc Closset
2. Een tweede dossier, dat in de media ruim werd uitgesmeerd, gaat over de benoeming van de twee secretaressen van commissaris-generaal Fernand Koekelberg.
Sylvie Ricour en Anja Savonet waren de secretaresses van Koekelberg, toen hij nog directeur-generaal was van de SAT (secrétariat administratif et technique, het verbindingsorgaan tussen de geïntegreerde politie en het kabinet-Dewael, nvdr). Koekelberg nam hen mee naar zijn beleidscel en bracht hen daardoor in een veel hogere looncategorie: ze kwamen van niveau C in niveau A. Ze konden bovendien tijdelijk premies cumuleren waardoor hun wedde met 550 euro netto en meer per maand verhoogde.
Het Comité P zegt dat die benoemingen onwettig zijn omdat men nooit iemand van niveau C in niveau A kan brengen én omdat ze door minister Dewael zijn benoemd en niet door de Commissaris-generaal zelf.
Volgens het Comité P werd de normale weg om de secretaressen te benoemen niet gevolgd: niet de juridische dienst van de federale politie, maar de commissaris-generaal gaf zelf een advies en hij ging de ministeriële besluiten persoonlijk laten ondertekenen op het kabinet. Wat op zich raar is, want de benoeming moest niet door Dewael zelf gebeuren, maar door Koekelberg, omdat het om zijn persoonlijke medewerkers ging.
Het Comité P gelooft terzake dat Koekelberg "een ministeriële paraplu" zocht.
Koekelberg legt de eed af
Het Comité geeft toe dat de commissaris-generaal zegt dat de dames wél wettig benoemd zijn. Volgens het Comité P is Koekelberg de enige die dat vindt en doet zijn visie "de wenkbrauwen fronsen". En zelfs als hij die mening had, dan nog had hij minister van binnenlandse zaken moeten meedelen dat de benoemingen volgens sommigen juridisch omstreden waren.
Het Comité P acht de benoeming van Ricour ook onopportuun: ze had niet de vereiste diploma's voor de functie die ze op de beleidscel kreeg (imago-adviseur van Koekelberg, opvolging van het nationaal veiligheidsplan, coördinatie van de beleidscel…): alleen maar humaniora en een niet-erkend diploma van secretaresse. Ze had de voorbije negen jaren geen voortgezette vorming gevolgd, zelfs niet over pers en communicatie. Bovendien was ze te dominant en had ze weinig tact. Ze stond ook op voet van "koude oorlog" met de juridische dienst van de federale politie en met woordvoerster Els Cleemput.
Het Comité P meent in dit dossier voorts dat de hele werking en de aanwervingsprocedure van de beleidscel van de topmandatarissen van de federale politie, moet worden herbekeken.
3. Koekelberg maakte terzake ook een beoordelingsfout door perswoordvoerster Els Cleemput opzij te schuiven. Daarover gaat het derde dossier.
Koekelberg schoof Cleemput als perswoordvoerster opzij en deze ordemaatregel stond niet in verhouding tot wat haar verweten werd. Het onderzoek tegen haar werd eenzijdig in haar nadeel gevoerd. Bovendien werd Cleemput niet gehoord en werd de vereiste administratieve procedure niet gevolgd. Volgens het Comité heeft het gros van de verwijten aan Cleemput meer te maken met de persoon van Sylvie Ricour dan met het feit dat Cleemput ongeschikt zou zijn voor haar functie of onvoldoende managercapaciteiten zou hebben.
Het Comité P meent dat de Commissaris-generaal een voorbeeldfunctie heeft en dat hij fouten heeft gemaakt. "De ondergeschikten hebben kunnen merken hoe sommige personeelsleden vertroeteld werden en vooral hoe het statuut manifest niet overal gelijk wordt toegepast. Ze konden zien hoe men voor sommigen creatieve oplossing zocht."
Wat zegde Dewael?
Tijdens de besloten zitting, die maandag vijf uren duurde, nam minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael tien minuten het woord om al te reageren.
Hij zegde dat commissaris-generaal zich gisteren in een brief aan hem had geëxcuseerd. (Koekelberg reageerde hierop met een communiqué. Hij zegde dat hij zich niet excuseerde en geen enkele fout toegaf. Hij meende dat hij misschien "een verschoonbare inschattingsfout" had gemaakt, maar meer ook niet, nvdr). Koekelberg zegde in de brief dat hij de procedure tegen Cleemput zal voortzetten, maar met respect van alle regels. Hij vraagt aan Dewael ook om de aanstelling van Savonet en Ricour op zijn beleidscel stop te zetten en gaf voor het eerst toe dat "het gebrek aan wettelijke basis van deze benoemingen nu blijkbaar vaststaat", maar dat hij "volledig te goeder trouw heeft gehandeld".
Dewael zegde gisteren dat hij alvast de procedure is gestart om de benoemingen ongedaan te maken. Koekelberg zal de dames nu een nieuwe functie geven. De minister en de regering behouden voorlopig het vertrouwen in Koekelberg.
Over het dossier van de AI zegde Dewael dat hij Closset vrijdag zal horen en dan een beslissing zal nemen over een mogelijke maatregel van interne orde in het belang van de dienst. Verder wacht hij het gerechtelijk onderzoek af voor eventuele tuchtsancties. Ook voor Van Wymersch wacht hij het gerechtelijk onderzoek af. Als er voor deze laatste een ordemaatregel komt, moet die trouwens door de Brusselse gemeenteraad worden genomen, omdat Van Wymersch daar nu hoofdcommissaris is.
Dewael zegde ook nog dat de hogere weddes van de 7 burgerleden van de AI zullen worden herbekeken. Er wordt een advies gevraagd van de juridische dienst van de federale politie. Hij geeft toe dat er "blijkbaar een negatief advies van die juridische dienst was", maar - zoals het Comité P overigens vaststelt - "dat heeft mij niet bereikt".
De minister zegt het vertrouwen in zijn beleidscel te behouden ("er is alleen een strafklacht tegen Luc Closset en Guido Van Wymersch, maar niet tegen leden van mijn kabinet"), maar is tegelijkertijd toch een intern onderzoek gestart. Morgen komt de minister met een uitvoeriger uitleg.