Nieuwe geweldsgolf in Oost-Congo
06/09/'10
De bevolking van de Congolese provincie Noord-Kivu is opnieuw getroffen door een hevige golf van geweld. "In de afgelopen maand vond onder meer een aanval op een dorp plaats waarbij mensen met hamers zijn belaagd en werd een kamp voor gevluchte Congolezen afgebrand", meldt Artsen zonder Grenzen.
Op 25 augustus, om half elf ’s avonds, stormden 8 mannen een dorp binnen en vielen zij meer dan 20 mensen aan. Artsen zonder Grenzen werd de volgende ochtend verwittigd van de beestachtige aanval.
Medisch coördinator Martins Dada: "We reden onmiddellijk naar het dorp om medische noodhulp te verlenen. Bij aankomst werd de ernst van de situatie duidelijk. We hebben de gewonden verzorgd, waarbij we ook infusen moesten aanleggen. Eén slachtoffer was reeds overleden en ook een andere konden we niet meer redden."
Coma
Het team heeft 15 mensen naar het ziekenhuis overgebracht voor verpleging, 7 daarvan zijn in coma als gevolg van ernstige schedelfracturen. Twee patiënten hebben inmiddels het leven gelaten, waaronder een 15-jarige jongen. De anderen verkeren in kritieke toestand. Alle slachtoffers zijn zwaar getraumatiseerd.
"De hele dag hebben wij hoofdwonden moeten hechten", luidt het. "Iedereen verkeert in shock. De dorpsinwoners zijn zo verslagen dat zij geen woord kunnen uitbrengen. Eén man is totaal in de war en is doodsbang. Hij schreeuwt, gilt, schopt en slaat om zich heen tot we erin slagen hem te kalmeren waarop hij weer in coma raakt."
Afgebrand
Dit is niet de enige aanval waarbij hulpverleners van Artsen zonder Grenzen geconfronteerd worden met de vreselijke gevolgen. Een paar dagen eerder behandelde het team slachtoffers van een aanval op een ontheemdenkamp. "170 onderkomens brandden tot de grond af waarvan zo’n 80 ook geplunderd werden", vertelt Joelle Depeyrot, psychosociaal medewerker van Artsen zonder Grenzen.