Steeds meer belastingparadijzen in Afrika
18/08/'11
Buitenland
Verschillende Afrikaanse regeringen overwegen "offshore" financiële centra op te zetten, de handelsnaam voor belastinghavens. Op die manier willen ze de financiële sector moderniseren en bureaucratie verminderen.
Kenia kondigde eerder dit jaar aan te overwegen het Nairobi International Financial Centre op te richten. Dat project zou moeten concurreren met Johannesburg in Zuid-Afrika, het financiële centrum van het continent, en Mauritius dat al bekend staat als belastingparadijs.
Sommige Afrikaanse landen kennen al lange tijd bankgeheim en juridische geheimhouding op hun grondgebied. Liberia staat internationaal om bekend om zijn scheepsregister, dat goedkope en vertrouwelijke registratie garandeert, los van de zeewaardigheid of het eigendom van een schip.
Djibouti en de Seychellen werden in het verleden ook gekwalificeerd als belastingparadijs. Botswana zette in 2003 een Internationaal Financieel Servicecentrum op en kreeg daarmee in een artikel in de Harvard International Review het etiket "het Zwitserland van Afrika" opgeplakt.
Transparantie
Alvin Mosioma, coördinator van het Tax Justice Network Africa, een organisatie die pleit voor een eerlijk belastingregime ter bevordering van economische en sociale ontwikkeling, wil echter "pan-Afrikaanse actie" tegen offshore banking.
"Met de huidige problemen met terrorisme en politieke instabiliteit op het continent, zitten we niet te wachten op financiële instabiliteit en het verbergen van corruptie in plaatselijke belastinghavens", zegt Mosioma. Volgens hem zijn er steeds meer landen in Afrika die offshore centra oprichten.
Ghana besloot onlangs alvast de vergunning voor offshore banking, die kort daarvoor was verstrekt aan Barclay's Bank, in te trekken. Volgens de bank gebeurde dat wegens juridische problemen, maar het was wellicht eerder een reactie op zorgen over het witwassen van geld.
IPS - Hilaire Avril