Politiebonden: "Er is nu minder blauw op straat"
30/10/'09
30 OKTOBER 2009 - "Wie zegt dat er sinds de politiehervorming meer blauw op straat is, leeft op een andere planeet. En wie beweert dat de politie-oorlog voorbij is, kent het terrein niet". Dat zegde Philip Van Hamme van de politievakbond NVSP. De politiebonden werden dinsdag in de Kamer- én Senaatscommissie Binnenlandse Zaken gehoord over de politiehervorming. Ze vonden die hervorming alles behalve geslaagd. In ieder geval is de basisdoelstelling (meer blauw op straat) volgens hen niet gehaald en is er bovendien een enorm personeelstekort bij allerlei gespecialiseerde diensten van de federale politie. Opmerkelijk was ook een VSOA-voorstel om van de loutere aanwezigheid bij rellen die tot geweld tegen de politie leiden een misdrijf te maken.
De vertegenwoordigers van de steden en gemeenten én de politievakbonden mochten in de verenigde Commissies van Binnenlandse Zaken van Kamer en Senaat dinsdag hun mening geven over het rapport dat de Federale Politieraad had gemaakt over tien jaar politiehervorming. Daarbij viel vooral het standpunt van de vakbonden op. Wie verwacht had dat zij puur corporatistisch over hun loon, hun premies en hun statuut zouden praten, kwam bedrogen uit.
Alleen het ACOD beperkte zich tot bedenkingen over het loon en de premies, maar de andere bonden hadden flinke inhoudelijke kritiek op het rapport van de Federale Politieraad. Ze vonden het "een goed nieuws-show", die bol stond van de "eigen bewierroking".
Het ACV was niet uitgenodigd.
De schaarse parlementsleden (sommige partijen, zoals sp.a of Groen!, stuurden niet één vertegenwoordiger) waren vaak stomverbaasd over de kritiek op de politiehervorming, die door hen meestal als "zeer geslaagd" wordt gedefinieerd.
We brengen een systematisch eerst een overzicht van wat de bonden vonden; daarna komt de kritiek van de burgemeesters aan bod.
WAT VONDEN DE POLITIEVAKBONDEN?
1. Minder blauw op straat
Bijna alle vertegenwoordigers van de vakbonden vonden dat er nu minder blauw op straat is dan voor de politiehervorming. En meer blauw op straat was nochtans officieel de centrale doelstelling van de Octopushervorming, die door alle beleidsmensen als een mantra werd herhaald.
"Wie beweert dat er nu meer blauw op straat is dan voor de hervorming, leeft op een andere planeet", zo stelde Philip Van Hamme (NSVP).
Volgens Jan Schonkeren (liberale vakbond VSOA) zijn alleen al in de Brusselse regio 800 politiemensen te weinig. "Een grote Brusselse zone (die van Sint-Jans-Molenbeek, nvdr) kan 's nachts slechts drie patrouilles inzetten voor een totale bevolking van 248.000 mensen. Zes mensen dus! En die rijden van de ene interventie naar de andere. Er is dus zeker niet meer blauw op straat. Vooral in de landelijke gebieden is er minder blauw op straat, maar ook in de grote steden. Preventieve, ontradende controles en patrouilles zijn zeldzaam".
Axel Poels en Eddy Lebon (Sypol, een bond die sterk staat bij de gerechtelijke politie) gaven - naast het personeelstekort - een andere reden voor deze verminderde dienstverlening: "Om bezuinigingsreden dringt men er op aan om de overuren, nacht- en weekenduren niet uit te betalen, maar te vervangen door compensatie. Zodat er natuurlijk veel minder politiemensen op het terrein zijn, uitgerekend op de meest kritieke momenten".
De NUOP (Nationale Unie van Openbare Diensten) hekelde dat de Federale Politieraad in zijn rapport voor het eerst op pagina 34 de term "community policing" vermeldt. Community Policing zou de politie dichter bij de burger brengen, het was de hoofddoelstelling van de politiehervorming, die vooral door wijkwerking zou moeten worden gerealiseerd. "Maar deze term wordt nergens gedefinieerd, community policing leeft - na tien jaar hervorming - niét bij de korpsen, ook al omdat nogal wat inspecteurs niet weten wat hij inhoudt".
De NUOP vond dat er na tien jaar "helemaal nog geen geïntegreerde politie is. Nog altijd heeft niet iedereen hetzelfde uniform. Bepaalde ex-rijkswachters lopen nog steeds in hun oude plunje rond, de politiekorpsen van de grote steden kopen eigen stukken aan om zich van andere korpsen te onderscheiden en een aantal noodzakelijke stukken (bv. de uitrusting voor de politie te fiets) is nog altijd niet centraal beschikbaar. Na tien jaar hebben we nog steeds geen eigen uniform".
2. Opleiding
Van Hamme (NSVP) pleitte voor één opleiding, die centraal wordt georganiseerd met één examen voor iedereen op dezelfde dag. Gedaan met de tien politiescholen, die elk hun eigen weg gaan met grote gaten tot gevolg.
Jan Schonkeren (VSOA) gaf het voorbeeld van een afgestudeerde aspirant-inspecteur die solliciteerde voor een baan bij de verkeerspolitie en die niet kon antwoorden op de vraag wanneer een ademtest moest worden afgenomen.
Van Hamme hekelde het misbruik dat sommige korpschefs van het huidige systeem maken om tegen 100 euro per uur les te geven, "terwijl ze met hun korps moeten bezig zijn".
3. Recrutering
Ook de recrutering werd scherp becritiseerd. Die moet volgens Van Hamme (NSVP) centraal en nationaal blijven. Op die regel zijn volgens hem momenteel te veel uitzonderingen en die worden misbruikt. Hij viel scherp uit tegen de politie van Antwerpen, die volgens hem de wet op de recrutering en selectie omzeilt. "Antwerpen schept een kunstmatig personeelstekort om eigen mensen te kunnen aanwerven tegen de wettelijke bepalingen in".
Het NSVP sprak zich terzake ook uit tegen positieve discriminatie van minderheidsgroepen of vrouwen. Het wil verder absoluut niet dat de normen voor de nieuwe inspecteurs worden verlaagd.
Jan Schonkeren (VSOA) vond dat de eisen voor recrutering van agenten moeten worden verstrengd, zeker op het vlak van moraliteit. "De nieuwe generatie is vergeten dat ze een voorbeeldfunctie heeft. Ze springt nogal losjes om met allerlei regels. Het aantal deontologische fouten en strafrechtelijke inbreuken bij deze groep jonge agenten is momenteel veel te groot. Dat ligt deels aan de opleiding, die te weinig oog heeft voor discipline en te sociaal gericht is".
De heer Lambert (NUOH) meende dat de opleiding en de recrutering beter op elkaar moeten worden afgestemd. "Beide diensten zouden best functioneren". Hij wilde ook dat de opleiding en de bijhorende stages langer duren.
4. Management
Volgens Van Hamme (NSVP) is er onvoldoende management bij de politie. "In plaats van één manager zijn er 196. De lokale zones doen gewoon wat ze willen. De tendens is daar: laat ons gerust, wij zijn hier de baas, men moet zich niet moeien, maar de federale overheid moet wel blijven betalen. Wij willen zelf recruteren en dan nog liefst onze vriendjes", zo luidde het scherp.
(Van Hamme pleitte hiermee impliciet voor de ideeën van de Commissie-Huybrechts. Die vond indertijd dat één politiechef de baas moest zijn over alle korpsen in het hele land. Van Hamme stelde daarmee het huidige politiemodel (196 semi-onafhankelijke zones maar toch één politiestatuut) ter discussie. Dat model kwam er vooral onder druk van de burgemeesters (uitvoerende macht) die tevens parlementslid waren (wetgevende macht) en die door hun cumul het beginsel van de scheiding der machten de facto schenden. Deze burgemeesters wilden de zeggenschap over "hun" politie volledig behouden. Maar het gevolg daarvan is meestal dat hun lokale politie eigenmachtig begint op te treden omdat de burgemeesters onvoldoende competent zijn in politiezaken. Zo vermindert de controle op de korpschefs, die in sommige zones de baas zijn over hun burgemeester. En dat is een democratisch deficit, dat bovendien tot veel verspilling van middelen kan leiden. De federale politie wordt de dupe van dit model. NSVP sloeg dus spijkers met koppen, nvdr.)
Op het vlak van management is nog belangrijk om te vermelden dat de meeste bonden gewonnen zijn voor grotere politiezones van minstens 150 inspecteurs. Maar momenteel willen alleen Lanaken en Maasmechelen fusioneren.
5. Personeel
Door de politiehervorming kwamen er 14% agenten bij. "Maar in vergelijking met het buitenland zijn er niet te veel", meende Schonkeren (VSOA). "Als men in België het aantal politiemensen per inwoner berekent, dan telt men iedereen mee: ook de spoorwegpolitie, de gerechtelijke e.d. Maar in Frankrijk doet men dat anders: daar laat men de gerechtelijke, de luchtvaartpolitie e.d. buiten de cijfers, zodat die lager worden dan die van België. Men mag echter geen appelen met peren vergelijken. Als je alles correct berekent, dan heeft ons land niet te veel politiemensen, we zitten in Europa in de middenmoot".
Er zijn volgens de bonden te weinig flikken. NSVP meent dat er minstens 2.500 tekort zijn.
Voor de bonden is het een heikel punt dat de federale politie op vele domeinen onderbemand is. Axel Poels en Eddy Lebon van de bond Sypol,die vooral in de gerechtelijke politie sterk staat, somden die diensten op. "Terwijl financiële criminaliteit een topprioriteit van de regering is, steeg het personeelsbestand niet. De Dienst die de Corruptie moet bestrijden verloor zelfs 40% van zijn mensen: het personeel zakte daar van 102 naar 58. Er ontbreken ook minstens 40 misdaadanalisten bij de federale politie. Er is niet alleen te weinig personeel voor de strijd tegen financiële misdaad en terrorisme, maar ook de wegpolitie, de speciale interventie-eenheden, de wetenschappelijke labo's, de Computer Crime Units, de luchtvaartpolitie, de spoorwegpolitie hebben te weinig volk. En ook op het vlak van informatica zijn er te weinig mensen: 80 geplande aanwervingen werden om besparingsredenen geschrapt".
Sypol gaf toe dat huidig minister van binnenlandse Zaken Annemie Turtelboom (Open Vld) "een op geldelijk vlak onbeheersbare en catastrofale situatie erfde van haar voorgangers", omdat de federale politie zowat 2.000 polyvalente inspecteurs te weinig in dienst heeft genomen tijdens de voorbije jaren. "En bij de gerechtelijke politie is de gemiddelde leeftijd 49 jaar. Er is geen enkel scenario om hieraan te verhelpen".
Volgens VSOA kunnen een aantal van die federale diensten zich niet meer behoorlijk bezighouden met hun kerntaken en daardoor komt de steun van de federale aan de lokale politie in het gedrang.
Van Hamme (NSVP) ging terzake nog een stapje verder: "De federale politie krijgt zelf te weinig personeel, maar ze moet wel gratis steun bieden aan de lokale. Dat kan niet meer".
In ieder geval wil NSVP een debat over de kerntaken. "Moet de politie nog instaan voor de bescherming van VIP's, voor het vervoer van gevangenen, voor het begeleiden van geldtransporten, voor het begeleiden van deurwaarders?"
De NUOP voegde daar nog aan toe dat de lokale politie veel werk heeft bijgekregen door de wapenwet (controle van wapenvergunningen), door de gemeentelijke administratieve sancties en door het opstellen van het Vereenvoudigd Proces-Verbaal, waarbij niet het parket maar de politie zelf kleine feiten kan afhandelen.
Terzake was iedereen het erover eens dat de cipiers een minimumdienst moeten organiseren bij stakingen, zodat de politie hen niet meer moet vervangen. Het ACOD zweeg over dit punt evenwel zedig.
(Hier past enige nuancering. De bedenking dat de politie veel nieuwe extra taken kreeg is juist, maar ondertussen is de politie ook taken kwijtgespeeld. Heel wat werk dat vroeger door de politie werd gedaan, gebeurt nu door de gemeenschapswachten of door een privaat-publieke samenwerking (bv. controle op foutparkeerders). Bovendien kregen de agenten bepaalde opdrachten van de parketten bij op hun eigen verzoek. Ze mogen nu kleine misdrijven zelf afhandelen, omdat de politie daar vele jaren heeft op aangedrongen, nvdr).
De NUOP vond dat de federale politie een Mexicaans leger was, met veel te veel commissarissen, maar dat gold - volgens NUOP - zeker niet voor de lokale politie. "In vele landelijke korpsen is de korpschef de enige officier, hij staat er gewoon alleen voor. Over het algemeen ontbreekt het middenkader in de landelijke korpsen".
(De kritiek dat alleen de federale politie een Mexicaans leger zou zijn moet worden genuanceerd. Voor een deel is het 'normaal' dat er bij de federale een oververtegenwoordiging van officieren is, omdat een reeks gewone ex-rijkswachters door de hervorming overgeheveld zijn naar de lokale politie, zodat procentueel meer officieren overbleven bij de federale. Een andere reden van dit overtal aan officieren bij de federale ligt bij het feit dat daar de gespecialiseerde diensten zitten. Het is bovendien niet alleen de federale politie die een Mexicaans leger vormt. Ook bij sommige grote lokale korpsen is dat zo. De stad Antwerpen telt momenteel 170 commissarissen en nog eens 11 hoofdcommissarissen naast de korpschef (een hoofdcommissaris met functietoelage, waardoor hij volgens voormalig Antwerps burgemeester Leona Detiège een wedde heeft die uitstijgt boven die van de procureur-generaal van het Hof van Cassatie!) voor 450.000 inwoners. Ter vergelijking: de politie van Amsterdam heeft één hoofdcommissaris en drie commissarissen voor 900.000 inwoners. In Brussel en Luik is de situatie allerminst beter dan in Antwerpen, nvdr).
6. Statuut
Alle bonden waren het erover eens dat het personeelsstatuut nu te complex is. NUOP verwees naar de eetpremies. "Een personeelslid van het administratief kader krijgt geen maaltijdpremie en mag niet eten tijdens de werkuren. Een lid van een interventieploeg wel. Dat is volkomen onrechtvaardig".
In reactie op kritiek van kamerlid-burgemeester Jacqueline Galant (MR) dat de politie nu wel al te goed betaald werd, zegde het ACOD strijdlustig dat het "zou vechten voor alle sociale verworvenheden van de politie".
Jan Schonkeren (VSOA) kaatste de bal terug. "U verwijt ons dat wij een goed financieel statuut voor onze mensen uit de brand hebben gesleept. Ik beschouw dat niet als een verwijt, maar als een compliment. Wij hebben ons werk inderdaad goed gedaan. Maar ik wijs erop dat het statuut, dat nu zo becritiseerd wordt, is goedgekeurd door Kamer en Senaat", zo zegde hij fijntjes. Het VSOA wil wel meewerken aan een verloningssysteem op basis van het werk dat iemand doet en niet op basis van zijn graad. De premies zouden in die visie zoveel mogelijk verdwijnen, maar het loon voor de functies zou verhogen.
Van Hamme (NSVP) noemde het een mythe dat de politie te veel betaald wordt: "De barema's van ambtenaren zijn hoger dan die van de politie".
Op de vraag van volksvertegenwoordiger Michel Doomst (CD&V) waarom de politie in Vlaanderen gemiddeld minder kost dan de Brusselse of de Waalse, kwam geen antwoord. Behalve dan dat de Brusselse politie een massa extra-taken heeft door de Europese toppen en door het overtal aan betogingen op haar grondgebied, wat tot veel overuren en weekendwerk leidt. En dus tot extra kosten. Volgens een studie van Dexia van december 2008 kost de lokale politie in Vlaanderen gemiddeld 192 euro aan iedere Belgische burger, de Waalse politie kost 208 euro per burger en de Brusselse 380 euro. (De kosten van de federale politie zijn niet in deze studie inbegrepen. Tot op heden is er nog altijd geen financiële vergelijking van de kosten voor de hervorming van 1998 en de kosten van nu, nvdr.)
7. Tucht
Iedereen was het erover eens dat het huidige tuchtsysteem niet werkt. Het NSVP pleitte voor een tuchtrechtbank voor zware straffen. Die moet paritair samengesteld zijn tussen de overheid én vertegenwoordigers van de vakbonden. Van Hamme pleitte ook voor een fusie tussen het Comité P en de Algemene Inspectie van de Politiediensten "omdat hun taken toch overlappen".
8. Geweld
Opmerkelijk was een voorstel van VSOA om het toenemend geweld tegen politiemensen in Brussel aan te pakken. Naast 800 extra politiemensen voor Brussel en een betere uitrusting voor die inspecteurs, moet er ook reservepersoneel komen dat direct kan worden ingezet bij rellen. Maar vooral: omdat te veel geweldplegers zich verschuilen achter "een groepsdynamiek", zou een nieuw misdrijf moeten worden opgenomen in het strafwetboek. Dat zou, volgens Jan Schonkeren, de "loutere aanwezigheid bij of passieve deelname aan rellen moeten beteugelen".
Terzake wees senator Dirk Claes (CD&V) op zijn wetsvoorstel om de minimumstraffen voor geweld tegen politie-ambtenaren op te trekken. Dat werd goedgekeurd in de Senaat, maar nog altijd niet in de Kamer.
WAT VONDEN DE STEDEN EN GEMEENTEN?
De vertegenwoordigers van de steden en gemeenten tapten uit een ander vaatje. Ze waren het over twee punten alvast eens.
1. Ze beklaagden er zich over dat de financiële steun van de federale overheid aan de lokale politiezones te klein is en dringend moet worden aangepast aan de werkelijke kosten. "85% van de kosten van onze lokale politie zijn personeelskosten en die stijgen door de indexering, door hogere eindejaarspremies e.d., maar de federale dotaties stijgen niet navenant", zo zegde Jef Gabriëls, voorzitter van de VVSG.
Zijn Waalse collega Jacques Gobert was nog scherper: "Waarom moeten wij betalen voor een federale hervorming met zulke slechte resultaten op het vlak van de wijkwerking? Ons was beloofd dat de politiehervorming niets zou kosten aan de gemeenten, maar dat is zeker niet zo".
2. Ook over een tweede eis waren Waalse en Vlaamse burgemeesters het eens. "De gemeenten moeten worden betrokken bij de onderhandelingen bij het statuut van de politie. Wij hebben 36.000 politiemensen, de federale heeft er slechts 12.000. Maar toch worden de gemeenten als werkgever niet echt betrokken bij de onderhandelingen over het statuut, dat ons veel kan kosten", aldus VVSG.
Gobert pleitte terzake voor "een meer realistische verloning op basis van het gepresteerde werk". Het huidige statuut is volgens hem te complex en te duur en er zijn te veel premies.
Voor de rest liepen de meningen van Vlamingen en Walen nogal uiteen. Uit de hoorzitting bleek dat de Vlaamse burgemeesters aanzienlijk veel positiever staan tegenover de politiehervorming dan de Waalse.
Als positieve punten zagen de Vlaamse burgemeesters: het gekozen politiemodel (de geïntegreerde politie op twee niveaus) wordt niet betwist; de burger krijgt iedere dag een dienstverlening van 24 uur; de zonale veiligheidsraden werken goed; de slachtofferzorg, de ordehandhaving en de recherche werken beter dan vroeger; de grootte van de zones is goed.
Maar toch hadden de Vlaamse burgemeesters ook een aantal bedenkingen: de tuchtprocedure is te omslachtig, ze werkt niet; de opleiding en de recrutering moeten grondig worden geëvalueerd en hervormd; het statuut is te bureaucratisch, er zijn te veel premies; de politie mag niet zomaar meer ingeschakeld worden bij stakingen in gevangenissen; de politieraad werkt niet en levert geen meerwaarde.
De Waalse burgemeesters hekelden het feit dat de wijkwerking en de politie-dichtbij-de-burger nauwelijks werkt. Er zijn ook te weinig politiemensen op het terrein. De politie moet te veel administratie doen, de informatisering is een puinhoop, de verplichte tussenkomsten bij stakingen moeten stoppen.
De verenigde Commissies van Binnenlandse Zaken, die buiten deze hoorzittingen om, elk apart vergaderen over de merites van de politiehervorming, hebben nog niet duidelijk gemaakt wat ze van plan zijn met deze erg kritische bedenkingen. De minister van Binnenlandse Zaken gaf al evenmin commentaar.
Lees ook:
Politieraad evalueert tien jaar politiehervorming
Straffen voor geweld tegen politie worden verzwaard
Criminele agenten krijgen zeven keer meer opschorting van straf dan gewone burgers
Comité P: "Politie kan groot oproer niet aan"