Hoeveel werken leerkrachten nu echt? Onderzoek gaat tijdsbesteding in kaart brengen

Print
Hoeveel werken leerkrachten nu echt? Onderzoek gaat tijdsbesteding in kaart brengen

Foto: Hollandse Hoogte / Bert Spiertz

De leerkrachten in Vlaanderen zullen vanaf volgende week kunnen deelnemen aan een grootschalig onderzoek dat een duidelijk beeld moet schetsen van de werkdruk in het onderwijs. De vakbonden roepen de leraren op om massaal deel te nemen aan Het Grote Tijdsonderzoek, dat wordt uitgevoerd in opdracht van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). Het onderzoek kan een belangrijke rol spelen bij de onderhandelingen over het loopbaanpact.

Het onderzoek gaat op 15 januari van start en loopt tot het begin van de paasvakantie. Alle leraars in het gewoon en buitengewoon secundair, lager en kleuteronderwijs krijgen de mogelijkheid om deel te nemen.

“Het doel is om op die manier een duidelijk beeld te krijgen van de tijdsbesteding van de leraren, ook de uren dat er geen les wordt gegeven”, zegt Koen Van Kerkhoven van de christelijke onderwijsbond COC. “Dat elke leraar de kans krijgt om hieraan mee te doen is uniek. We roepen met alle vakbonden op om dat massaal te doen.”

Het onderzoek is van belang bij de onderhandelingen over het loopbaanpact in het onderwijs. Die gesprekken waren in maart afgesprongen nadat de minister Crevits onder andere had voorgesteld om leerkrachten in de tweede en derde graad 22 uur les te laten geven, in plaats van nu respectievelijk 21 en 20 uur. “We vonden het toen niet aan te raden om de lesuren zonder nader onderzoek op te trekken”, zegt Van Kerkhoven.

“Er bestaat een brede consensus over de noodzaak van dit onderzoek”, klinkt het dan weer bij Hilde Crevits. “De meest recente gedetailleerde gegevens over de tijdsbesteding van een leraar dateren al van het jaar 2000. In achttien jaar tijd is veel veranderd, zowel in het onderwijsveld als in de samenleving, denk maar aan de digitalisering en technologisering.”