Commissie aanslagen Brussel beveelt aan: opvolgingscommissie moet uitvoering aanbevelingen controleren

Print
Commissie aanslagen Brussel beveelt aan: opvolgingscommissie moet uitvoering aanbevelingen controleren

Foto: BELGA

Een opvolgingscommissie moet controleren of de aanbevelingen van de onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart 2016 effectief worden uitgevoerd. Dat is een van de aanbevelingen in het eindverslag van de commissie, dat donderdag wordt besproken in de plenaire Kamer. Daarmee komt negentien maanden na de aanslagen een einde aan de werkzaamheden van de onderzoekscommissie.

De commissie werd opgericht in april van vorig jaar, kort na de aanslagen van 22 maart op de luchthaven van Zaventem en in de Brusselse metro. De commissie besliste haar werkzaamheden in vier luiken onder te verdelen. Die hoofdstukken slaan op het werk van de hulpdiensten op de dag van de aanslagen, de steun aan de slachtoffers, de manier waarop politie, justitie en inlichtingendiensten met de terreurdreiging zijn omgegaan en de radicalisering.

De onderzoekscommissie had zichzelf oorspronkelijk 22 maart van dit jaar als einddatum vooropgesteld, maar miste die deadline. Nadat vorige week het laatste luik rond radicalisering werd afgerond, mag de Kamer donderdagnamiddag een slotakkoord aan de werkzaamheden breien. Binnen de commissie werd over alle luiken unanimiteit bereikt. Of dat in de plenaire vergadering ook zo zal zijn, valt af te wachten. De ‘kleinere’ partijen, zoals Vlaams Belang, PVDA, Vuye & Wouters en DéFI, waren immers niet in de onderzoekscommissie vertegenwoordigd.

Grote Moskee

In haar laatste luik beveelt de onderzoekscommissie de overheid aan de concessie van de Grote Moskee in Brussel stop te zetten. De salafo-wahabitische stroming die in de moskee wordt beleden, bevat kiemen die een rol kunnen spelen bij de ontwikkeling van gewelddadig radicalisme, stelden de parlementsleden vast. Nog in dat luik raakten de leden het erover eens dat imams verplicht zullen worden een opleiding in België te volgen en één van de landstalen te spreken.