Lunchpauze is vaak stressmoment voor kinderen

Print
Lunchpauze is vaak stressmoment voor kinderen

Foto: Katrijn Van Giel

Brussel -

De lunchpauze op school is voor veel leerlingen een moment van stress in plaats van ontspanning. Zo blijkt uit een onderzoek van iVox in opdracht van het weekblad Libelle. Uit dat onderzoek blijkt nog dat drie op de vier ouders graag gezondere lunchboxes mee zouden geven met hun kind en dat de helft van de ouders voorstander is van (meer) gezonde lunches op school.

Hoe zit het met de lunchbox van de schoolgaande kinderen? Die vraag staat centraal in het onderzoek dat iVox uitvoerde bij 800 ouders en 200 leerkrachten.

Uit die bevraging blijkt onder meer dat kinderen vooral boterhammen (68 procent 4 tot 5 keer per week) meenemen naar school. Die boterhammen zijn bij voorkeur belegd met choco, salami of kaas. In de lunchbox zit in drie op de tien gevallen ook een stuk fruit en in nog eens drie op de tien gevallen een koek. Bijna niemand geeft wekelijks quinoa (2 pct) of granola/muesli (3 pct) mee met zijn of haar kind.

Verder geven drie op de vier ouders aan dat ze hun kind graag een gezondere lunchbox zouden meegeven. Dat dit toch niet gebeurt, heeft volgens de ouders onder meer te maken met de kinderen die het niet zouden willen, tijdsgebrek en een gebrek aan inspiratie.

Opvallend is ook dat amper 1 op de 10 ouders aangeeft dat de lunchpauze echt ontspannend is voor hun kind. Volgens een kwart van de ouders is de lunchpauze zelfs meer stresserend dan ontspannend voor hun kind. Ook leerkrachten geven aan dat de lunchpauzes voor de leerlingen vaak stressvol verlopen. Gemiddeld zitten er 84 leerlingen in 1 ruimte en vaak zijn er onvoldoende begeleiders.

Volgens Vlaams parlementslid Elisabeth Meuleman tonen de cijfers aan dat meer jongeren de kans moeten krijgen om gezond te eten op school. De Groen-politica lanceerde eerder al haar voorstel voor een ‘refterrevolutie’ met daarin een wettelijke gezondheidsgarantie voor schoolmaaltijden.

Meuleman: “De overheid kan eenvoudige, duidelijke en wetenschappelijk onderbouwde standaarden opleggen waaraan maaltijden moeten voldoen. Zo zijn ouders er zeker van dat hun kinderen tijdens de schooldag evenwichtig eten, snacken en drinken. Die maatregelen moeten uiteraard voldoende breed zijn, zodat cateraars en schoolkoks hun creativiteit kwijt kunnen. Het spreekt vanzelf dat scholen ook ondersteund worden om dit te realiseren.” Meuleman verwijst naar het Verenigd Koninkrijk, waar in 2008 al wettelijke standaarden voor schoolmaaltijden met succes werden ingevoerd.

(belga)