IJsland heeft nieuwe regering na opspraak ‘Panama Papers’

Print
IJsland heeft nieuwe regering na opspraak ‘Panama Papers’

Bjarni Benediktsson, de minister van financiën. Foto: AFP

IJsland heeft officieel een nieuwe regering. De nieuwe beleidsploeg is woensdag aan haar taken begonnen, na een ceremoniële overdracht van de macht in het presidentieel paleis. Premier Bjarni Benediktsson van de conservatieve Onafhankelijkheidspartij moet de coalitieregering met relatieve nieuwkomers Heldere Toekomst en de Hervormingspartij in goede banen leiden.

De IJslanders moesten eind oktober naar de stembus, nadat de toenmalige premier, Sigmundur David Gunnlaugsson van de Progressieve Partij, in opspraak kwam voor zijn rol in de “Panama papers”.

De Onafhankelijkheidspartij won de verkiezingen, waarna premier Benediktsson de opdracht kreeg een coalitieregering op poten te zetten.

Dat ging echter niet over een nacht ijs. De coalitiepartners raakten het niet eens over een mogelijk EU-lidmaatschap van IJsland. Uiteindelijk werd beslist dat de kwestie in de koelkast verdwijnt tot het einde van de legislatuur. De drie partijen bereikten uiteindelijk maandag een akkoord.

De nieuwe ploeg bestaat uit 11 ministers. Zes daarvan worden geleverd door de Onafhankelijkheidspartij, onder wie Gudlaugur Thor Thordarson, de kersverse minister van Buitenlandse Zaken.

De Hervormingspartij levert drie ministers. De voorzitter van de partij, Benedikt Johannesson, is minister van Financiën. De leider van Heldere Toekomst, Ottarr Proppe, kreeg dan weer de portfolio Volksgezondheid.

Vier van de 11 excellenties zijn vrouwen. De regerende partijen hebben een meerderheid van 32 op 63 zetels in het parlement.