De werklozen achter de cijfers

Print
De werklozen achter de cijfers

Archiefbeeld. Foto: ANP

Er is gelukkig ook goed nieuws uit 2016, waarover we ons in 2017 kunnen verheugen: de werkloosheid in Vlaanderen is gedaald. En niet een klein beetje: met 5,9%. Het minder goede nieuws is dat je betekenisvolle verschillen ziet tussen verschillende groepen werklozen als je meer in detail naar de cijfertjes kijkt. Er is nog werk aan de winkel.

De werkloosheid daalt in alle leeftijdscategorieën, behalve bij de 60-plussers. “Maar dat is te wijten aan de regels rond de langere beschikbaarheid”, zegt minister Philippe Muyters laconiek in zijn persbericht. Achter dat ene zinnetje zit een erg cynische logica. Onder het motto dat we allemaal langer moeten werken, moeten ook 60-plussers beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt. Volkomen logisch. Alleen zijn er voor deze mensen geen banen in de aanbieding. Integendeel, al te veel bedrijven proberen hun oudere werknemers te lozen. En dat kan nog altijd via systemen als SWT (Stelsel van Werkloosheid met Bedrijfstoeslag), door de overheid mee gefinancierd nota bene. Werk creëren voor oudere werknemers of er tenminste voor zorgen dat ze langer aan de slag kunnen blijven in de bedrijven, is dan ook een van de grootste uitdagingen voor deze regering én de sociale partners.

Maar zeker even groot is de uitdaging om mensen van buitenlandse origine aan een baan te helpen. De tewerkstelling van migranten van de tweede en derde generatie is in dit land jarenlang een groot probleem geweest. En dat is het nog. Te veel jongeren van buitenlandse origine komen zonder (geschikt) diploma op de arbeidsmarkt en raken niet aan de bak. Dat lijkt nu eindelijk beter te lukken, zo blijkt uit de cijfers. Dat is natuurlijk deels te danken aan de conjunctuur, maar ook aan doorgedreven inspanningen van VDAB, onderwijs, regering en bedrijven.

Toch stijgt de werkloosheid bij mensen van buitenlandse origine, en dat komt vooral omdat een deel van de nieuwe vluchtelingen nu ook in de cijfers is opgenomen. Opnieuw een enorme uitdaging voor onze regeringen. Al wie een erkenning heeft en hier wil blijven, moet zo snel mogelijk onze taal leren en meedraaien in onze economie en onze samenleving. Ook al kost dat nu geld en inspanningen, hoe beter die tewerkstelling lukt, hoe sneller die investeringen opbrengen. Laten we alsjeblieft leren uit het verleden. Nieuwkomers aan hun lot overlaten, ze niet goed begeleiden, ze niet op tijd op hun rechten en plichten wijzen en ze naar een systeem van uitkeringen begeleiden, is geen optie meer. Mensen aan het werk helpen, is keihard werken. Als we dat nu doen, plukken we er later de vruchten van.

Door Kris Vanmarsenille, hoofdredacteur Gazet van Antwerpen