Recensie

The Cure maakt van rijpere dames weer tienermeisjes

Print
The Cure maakt van rijpere dames weer tienermeisjes

Foto: Koen Bauters

De Engelse new wave- en popgroep The Cure speelde zaterdag een prachtig, afwisselend en enthousiast ontvangen concert in een stampvol Sportpaleis. Al snel werd duidelijk dat heel wat rijpere dames nog steeds een gillend tienermeisje in zich verbergen.

“Ik leef al zolang met mijn foto’s van jou, dat ik bijna geloof dat deze foto’s alles zijn dat ik kan voelen”, zong Robert Smith (57) in ‘Pictures of you’. Van een gebrek aan emotie kan hij niet worden beschuldigd. The Cure was in de jaren tachtig heel populair bij mensen met zwarte hanenkammen, lederen jassen en mannen met eyeliners. Maar die stoere aanhang heeft nooit verhuld dat The Cure een groep is met diep emotionele teksten, die een mens al snel in oprechte tranen kunnen doen uitbarsten.

Dat was ook het geval in ‘It can never be the same’, een liedje dat de groep in het Sportpaleis opdroeg aan de pas overleden Canadese zanger Leonard Cohen. En in ‘Lovesong’ zong Smith dat hij altijd van zijn geliefde zal houden, wat er ook gebeurt. Die kreet klonk niet klef, zeker niet als je bedenkt dat de rockster al sinds 1988 getrouwd is met Mary Poole. Het koppel leerde elkaar op school kennen toen hij 14 en zij 15 jaar was.

Baslijntje

Het publiek in Antwerpen kreeg twee uur en half lang een breed palet aan muziekstijlen te horen. Een deel van het repertoire van The Cure bestaat uit heel gelaagde new wavesongs, waarbij nauwelijks mee te zingen valt. Maar de prachtige melodieën en de schitterende klankkleur van al die songs nemen veel luisteraars bij het nekvel. Tussendoor speelde de Engelse groep ook veel meezingbare pophits, zoals ‘Just like heaven’ en ‘In between days’. En natuurlijk mocht de klassieker ‘A forest’, waarin het baslijntje massaal werd meegeklapt, niet ontbreken. Ook de show was dik in orde. Achter de band stonden grote spiegels, die zelfs een groot deel van het publiek op de grote schermen op het podium projecteerde. Aan lol en spektakel geen gebrek.

Vogelnestcoupe 

Veel tieners waren er in het Sportpaleis niet te bespeuren. Een groot deel van de bezoekers was de kaap van dertig en vaak zelfs die van veertig en vijftig jaar al lang gepasseerd, maar dat verhinderde niet dat er in Antwerpen vooral door vrouwen heel wat werd gegild. Robert Smith – die bij zijn kapper ook vandaag nog steeds een vogelnestcoupe bestelt – heeft het vermogen om het tienermeisje uit rijpere dames te schudden. Niet dat Smith zo’n vrouwenversierder is: hij komt eerder verlegen over en zijn bindteksten zijn door zijn snelle manier van praten vaak onverstaanbaar. Maar dat vinden sommige vrouwen wel schattig, en al helemaal als de man in kwestie minstens twintig tijdloze monsterhits heeft geschreven die in veel gevallen levens hebben veranderd.

Hoeveel gekke dansjes zijn er op trouwfeesten al gepleegd op ‘Love cats’? En is ‘Friday I’m in love’ niet het ideale feelgoodnummer om elk weekend mee in te zetten? The Cure  spaarde deze twee nummers op voor het laatste halfuur, waarin de ene na de andere hit passeerde. Zelfs een groot deel van het zittende publiek sprong recht om te dansen. En toen ‘Boys don’t cry’ gedaan was, dienden zich meteen ‘Close to me’ en ‘Why can’t I be you?’ aan. Als Robert zijn publiek eenmaal aan het swingen heeft gekregen, laat hij ze niet meer los.

Opgegeten door een spin

Het meest bevreemdende tafereel speelde zich af tijdens ‘Lullaby’, een ongelooflijk straffe ballade waarin het hoofdpersonage droomt dat hij wordt opgegeten door een grote spin. Het publiek zong elk woord mee, en begon spontaan met de heupen te wiegen. Horror die mensen aanzet om te dansen: doe dat Robert maar eens na.

The Cure speelde een weergaloos concert dat nog lang zal nazinderen. Kunnen we afspreken dat deze groep voortaan elke twee jaar naar Antwerpen komt? Goede vrienden mag je niet uit het oog verliezen.