Syrisch regeringsleger nadert Aleppo

Print

De Syrische regeringstroepen trekken verder op in de strategische provincie Aleppo. Hun doel is twee sjiitische stadjes over te nemen en zo de bevoorradingslijnen van de rebellen vanuit Turkije af te snijden, zei een kolonel ter plaatse.

De regeringstroepen slagen erin, dankzij Russische luchtsteun, vooruitgang te maken naar Nebbol et Zahra, sjiitische stadjes die al drie jaar in handen zijn van de rebellen. De bommenwerpers hebben al 270 luchtaanvallen uitgevoerd sinds maandag, bevestigt ook de anti-Assadsite Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten (SOHR). Volgens het SOHR hebben deze aanvallen “18 burgers gedood”, onder “wie vijf vrouwen en twee reddingswerkers”.

Nebbol et Zahra telden voor het begin van de oorlog 13.000 inwoners en ze worden verdedigd door 5.000 regeringsgezinde strijders. Maar sinds maandag zijn meer dan 20 regimestrijders en 38 rebellen gesneuveld in dat gebied, volgens het SOHR.

Genève

De kolonel heeft aangegeven dat de regeringstroepen op drie kilometer van Nebbol en Zahra verwijderd waren en dat de troepen binnenkort “de bezetting teniet zullen doen en de enige bevoorradingsroute tussen Aleppo en het noorden zullen afsnijden.” Ondertussen gaan de gesprekken in Genève door tussen de verschillende partijen in Syrië. De rebellen vrezen voor het recentelijk oprukken van de regeringstroepen, omdat ze zo steeds minder grondgebied vertegenwoordigen en aldus minder macht hebben in de onderhandelingen.

Aleppo, de voormalige economische hoofdstad van Syrië, wordt verdeeld in de westelijke gebieden, gecontroleerd door de overheid, en de delen gecontroleerd door de rebellen. De provincie is grotendeels in handen van Jabhat al-Nusra, de Syrische tak van al-Qaida en de jihadistische groep Islamitische Staat (ISIS). Sinds de Russische militaire interventie in Syrië begin september zijn de regeringstroepen fel opgerukt in de provincies van Latakia in het noordwesten, Aleppo in het noorden en Deraa in het zuiden. Het conflict heeft al aan meer dan 260.000 mensen het leven gekost en de helft van de bevolking is op de vlucht geslagen.