De nieuwe kansspelwet regelt internetgokken

Print
13 DECEMBER 2009 - De sector van de kansspelen krijgt een nieuwe wet. Dat heeft het parlement beslist. Momenteel vallen 9 casino's, 180 kansspelautomatenhallen en 7.600 cafés onder die wet. Dat geldt ook voor de producenten, plaatsers en herstellers van kansspelen. In de toekomst komen daar de weddenschappen, het internetgokken en de mediaspelen bij. Bovendien wordt de speler beter beschermd. Maar er blijven nog allerlei gaten. Met Marc Callu, een prominent lid van de Kansspelcommissie, overlopen we de wet. Hij pleit voor de oprichting van een Europese cyberdouane, die alle internetsites waarop iets illegaals gebeurt, onmiddellijk kan blokkeren.

Hoe belangrijk is de sector?

De sector was volgens onze financiële analisten in 2008 goed voor een omzet van 3,3 miljard euro. Die is als volgt verdeeld: 120 miljoen voor de casino's (965 personeelsleden), 174 miljoen voor de automatenhallen (907 personeelsleden), 327,6 miljoen voor de 7.600 cafés met een vergunning (waar naar schatting 10.000 goktoestellen staan), 207 miljoen euro voor de plaatsers en herstellers van spelautomaten (720 personeelsleden), 1,148 miljard voor de Nationale Loterij, 1,328 miljard voor de wedkantoren, 12 miljoen voor de televisiespelen.

De rest zijn schattingen: 132 miljoen voor de weddenschappen op het internet, 97 miljoen voor de spelen op het internet. Deze spelen zijn illegaal. (In een recentere studie schatte de Nationale Loterij de omzet op de internetmarkt evenwel al op 273 miljoen euro, zie hieronder, nvdr).

De sector heeft niet te lijden van de crisis: zowel de omzet als het personeelsbestand gingen overal de hoogte in.


WAT VERANDERT ER?


1. UITBREIDING KANSSPELWET

De nieuwe wet breidt de kansspelwet uit met drie groepen: de weddenschappen, de internetspelen, de mediaspelen. Zij zullen voortaan een vergunning moeten krijgen van de Kansspelcommissie en door haar gecontroleerd worden. Momenteel zijn deze spelen ofwel verboden, ofwel chaotisch gereglementeerd door verschillende overheden.

A. WEDDENSCHAPPEN

Hoe zit het nu met deze drie groepen?

Nogal complex. Eerst en vooral heb je de weddenschappen. In de weddenschappen heb je drie groepen: gokken op sportuitslagen, de paardenwedrennen en gokken op evenementen.

Bij de sportuitslagen heb je weer twee soorten weddenschappen: de onderlinge en de vaste. Bij de onderlinge weddenschappen gaan alle inzetten van iedereen in één pot en wordt de winst achteraf verdeeld. Je weet dus niet hoeveel je zal winnen, omdat je niet weet hoeveel deelnemers er zijn. Een flink deel van de inzetten gaat naar de sector zelf, die zo kan overleven. Deze weddenschappen vallen momenteel onder het Vlaams ministerie van Sport, onder het Bloso.

Daarnaast zijn er de vaste weddenschappen die meer risico inhouden. Daar speelt iedere speler tegen een bookmaker, die het risico loopt. Je weet wat je zal winnen. Bv. als je 1 euro inzet kan je 50 euro winnen. Deze weddenschappen worden beheerd door de federale overheidsdienst financiën. Zij kijken echter alleen maar naar de taksen, niet naar de veiligheid van de speler, de vraag of er minderjarigen bij betrokken zijn of de eerlijkheid van het spel. Momenteel is het voldoende om 48 uren op voorhand te melden dat je een weddenschap wil opstarten en da's alles. Er is dus nauwelijks controle.

En dan heb je nog de paardenwedrennen. Ook zij zijn onderverdeeld in onderlinge en vaste. Zij worden beheerd door de federale overheidsdienst Financiën. Hierbij heb je zowel weddenschappen die aangeboden worden op de renbaan als buiten de renbaan. En je hebt weddenschappen op binnenlandse en op buitenlandse koersen. In deze laatste groep zijn momenteel alleen de vaste weddenschappen op buitenlandse koersen toegestaan, niet de onderlinge.

Ten slotte zijn er nog de weddenschappen op evenementen. "Zal de paus sterven in 2011?", bv. Dit soort weddenschappen wordt momenteel nergens vermeld. Dus zijn ze feitelijk verboden. Maar tegelijkertijd staan ze wel in het Wetboek van Inkomstenbelastingen. Ze mogen dus niet, maar van de fiscus mogen ze wel. Er is hier sprake van een fiscaal gedoogbeleid.

Dit was allemaal te chaotisch, er waren te veel diensten bij betrokken en er was geen feitelijke controle.

Hoe wordt het in de toekomst?

Deze drie groepen komen in de toekomst alledrie onder de kansspelwet. De filosofie wordt: kansspelen zijn verboden, maar ze mogen onder strenge voorwaarden en mits een vergunning.

We creëren twee types vergunningen bij: F1 voor de inrichters van weddenschappen en F2 voor de aannemers van die weddenschappen. Er komt ook een nieuw soort kansspelinstelling naast de casino's, de automatenhallen en de cafés: de wedkantoren. Zo worden er 1.000 vaste kantoren (van Ladbroke, Stanleybet e.d.) toegelaten en nog eens 60 mobiele, bookmakers die op het veld zelf (bv. op de voetbalmatch) weddenschappen aannemen. Zij krijgen een F2 vergunning. Daarnaast zullen er nog 34 vergunningen voor inrichters van weddenschappen (F1) komen. We baseren ons voor deze cijfers op de bestaande werkelijkheid.

Buiten deze vaste of mobiele kantoren mogen bepaalde weddenschappen slechts op 2 soorten plaatsen weddenschappen worden aangenomen:

- dagbladhandelaren mogen onderlinge weddenschappen op paardenrennen en weddenschappen op sportevenementen (andere dan paardenrennen en windhondrennen) aannemen op voorwaarde dat zij geen wedkantoren worden;

- in de vier hypodrooms waar nog koersen worden gehouden (Tongeren, Waregem, Kuurne, Ghlin) mogen onderlinge weddenschappen op paardenrennen.

Deze veranderingen komen er om de Belgische paardensport van de ondergang te redden. Hun winsten zouden van 200 naar 2 miljoen euro gedaald zijn in 20 jaar tijd. Er gaan maar weinig mensen meer naar de paardenrennen. Gevolg: er wordt weinig gewed. Dus is er weinig geld in de pot en dan kunnen de jockeys er niet meer aan uit om nog in België te lopen. Ze kunnen dan in het buitenland immers veel meer verdienen. De paardenwedrennen willen nu gaan samenwerken met Frankrijk, zodat de pot van de onderlinge weddenschappen veel groter wordt. We zorgen er wel voor dat een flink deel van die pot naar België gaat. Zo kan de paardensport hier overleven.

B. INTERNETGOKKEN

Een tweede problematiek is deze van het gokken via het internet en de gsm.

Hoe groot is het probleem?

Er is nog maar pas een studie gepresenteerd van de Nationale Loterij, die het probleem in kaart brengt.

Volgens hen telt de (illegale) internetmarkt in België naar schatting 145.000 spelers, die gemiddeld 60 keer per jaar spelen en 683 euro uitgeven. Dat de hoogste gemiddelde inzet van alle kansspelen per persoon. Er wordt jaarlijks 100 miljoen uitgegeven door de spelers, maar omdat winsten opnieuw ingezet worden, bedraagt de omzet zo'n 273 miljoen.

Omdat uiteindelijk slechts 75 miljoen winst wordt uitbetaald, bedraagt de winst voor de uitbaters van de spelen 22 miljoen per jaar, of 22% van de bestedingen (want er zijn geen belastingen en er gaat - in tegenstelling tot bij de Nationale Loterij - geen geld naar "goede doelen").

Wat speelt men op internet?

De internetspelers worden via sportweddenschappen gelokt naar websites waar honderden kansspelen worden geëxploiteerd. Dat gaat van een roulettespel tot een partij poker voor grof geld.

Bij de weddenschappen staat het voetbal torenhoog bovenaan, voor tennis en paardenrennen. Vier sites verdelen 75% van de markt. De consument kiest voor 1 of 2 sites en uiteindelijk zijn voetbal en poker de top. De betaling gebeurt hoofdzakelijk via een kredietkaart, wat dus beslist risicovol is!

De marketing van de illegale internetsites is nogal agressief. Eén van hen beweert zelfs dat zijn cliëntenbestand met 1.000 spelers per week aangroeit. Niet alleen recruteert men via mediacampagnes. Terwijl de reclamemarkt in de media tussen 2008 en 2009 met 4,3% achteruitging, stegen de investeringen voor mediareclame van de internetsites met 24%. Zij hebben dus geen last van de crisis. Dat blijkt dus allemaal uit de studie van de Nationale Loterij.

Wat doet de KSC momenteel tegen internetgokken?

Al dat gokken en wedden op het internet is al sinds 1999 verboden, maar er zijn naar schatting 137 miljoen goksites op het internet. De KSC treedt pas op als er een klacht is of als een firma uitdrukkelijk in België goksites aanbiedt. In 2008 werden 18 processen-verbaal opgesteld, in 2009 19. Maar met die klachten deed het parket niets, wegens te veel ander werk. De internetgoksites blijven dus onbestraft. Te meer daar er een eeuwige discussie loopt over welke staat bevoegd is om een site aan te pakken.

Mag België dan niet optreden tegen internetsites?

De KSC vindt dat België wel mag optreden, omdat de site hier in België via Belgische providers wordt aangeboden en Belgische spelers heeft.

De aanbieders zeggen: néé, er is vrij verkeer van goederen en diensten. Kansspelen zijn diensten, dus die moeten vrij in Europa kunnen circuleren. Die bedrijven vestigen zich dan bv. in Malta, dat een soepele wetgeving heeft en waartegen wij niet kunnen optreden.

De rechtspraak van het Europees Hof van Luxemburg leerde ons verschillende punten:

- dat kansspelen bijzondere diensten zijn;

- dat een wettelijke regeling betrekking moeten hebben op àlle kansspelen;

- dat de lidstaten het vrij verkeer van kansspelen mogen beperken als die beperking proportioneel en niet-discriminerend is om een beleid te voeren dat in het belang is van de openbare orde en het voorkomen van witwassen van misdaadgeld.

Op 8 september 2009 viel een heel belangrijk arrest, de zaak Santa Casa de Misericordia (de Portugese Loterij) tegen BWIN. Het Hof van Luxemburg volgde de Portugese Loterij en beklemtoonde heel duidelijk het subsidiariteitsbeginsel. Het arrest leert dat de lidstaten zelf een eigen kansspelbeleid mogen voeren. Niet de grote Europese Unie, maar de lidstaten doen dat dus. Een ze mogen des te meer een eigen beleid voeren in de sector van het internetgokken, omdat twee redenen: de spelen op het internet zijn gevaarlijker en er is is nauwelijks controle op de vergunninghouder. Mede op dat arrest steunen wij ons dus nu om ons vergunningenstelsel voor het internet uit te werken.

Jullie laten internetspelen toe, terwijl ze vroeger verboden waren. Wat is daar het voordeel van?

De voordelen van dit systeem zijn duidelijk:

- De identiteitsgegevens (naam, rekeningnummer e.d.) van de gokkers kunnen niet misbruikt worden. Dat is zeer belangrijk want onderzoek van Europol wees uit dat 90% van de aanbieders van goksites op het internet in de georganiseerde misdaad zitten.

- De spelen worden eerlijk: als ik aan de pokertafel zit, weet ik dat mijn tegenspelers ook echt bestaan en geen fictieve spelers van een machine zijn, waartegen ik toch nooit kan winnen.

- Ook het uurverlies en het EPIS-systeem (dat bepaalde verslaafden kan uitsluiten, nvdr) kunnen hier gelden.

- De taxatie gebeurt in België. Dat is ook logisch omdat de kosten van de verslaving gedragen moeten worden door de Belgische sociale zekerheid.

Welke internetsites krijgen een vergunning?

We hebben beslist dat alleen wie in de reële wereld kansspelen of weddenschappen aanbiedt dat ook op het internet mag doen. Bovendien moet de server in België staan. Ik verwacht dat slechts zo'n 20 sites een vergunning zullen krijgen.

Er komt bovendien een negatieve lijst van sites zonder vergunning. De providers moeten die blokkeren. Die lijst moet dringend worden opgemaakt.

C. MEDIASPELEN

Wat met de mediaspelen?

De derde grote groep die in de toekomst onder de kansspelwet valt, zijn de mediaspelen. Dat zijn niet alleen de belspelletjes maar ook de andere kansspelen die in de media worden aangeboden. Ook daar kunnen misbruiken schering en inslag zijn. Denken we slechts aan de weddenschappen op het ijsblok van Q-Music op de Antwerpse Meir, waarvan men moest voorspellen wanneer het gesmolten zou zijn.

Niet elk mediaspel zal een vergunning moeten hebben, maar wel zij die zekere risico's inhouden voor de samenleving of de speler.


2. BESCHERMING VAN DE SPELERS


Een tweede grote doelstelling van de wet is de bescherming van de speler. Spelen mag, maar verslaving is een ander paar mouwen.

Hoe groot is het probleem?

Dat valt toch niet te onderschatten. Op basis van buitenlandse cijfers schat de VAD, de vereniging voor alcohol en- drugproblemen dat er in België ongeveer 100.000 problematische gokkers zijn, onder wie 20.000 pathologische gokkers. Vooral de groep van jongeren is een echt risico. In het verleden wees een studie van de Rodinstichting hier op en in een nabij verleden de consumentenorganisatie Oivo. Oivo analyseerde nog maar pas de antwoorden van 2.600 enquêtes bij jongeren tussen 10 en 17 jaar. Wat bleek hieruit?

- Eén op de vijf zegde al voor geld gespeeld te hebben, hoewel dit wettelijk verboden is. En men begint daarbij al op 13 jaar.

- Wie speelt, besteedt gemiddeld 38 euro per maand aan kansspelen.

- Wie zijn de jongeren die het meeste voor geld spelen? Jongens uit de eerste twee jaren van het technisch onderwijs. Er zijn veel meer Brusselaars en Walen bij. Rokers spelen veel sneller ook voor geld.

- Wat speelt men? Krasbiljeten zoals Presto en Subito zijn het meest geliefd: 63% van de jongeren kocht die al. Dan volgen de loterijen zoals Lotto, Joker, Keno (39% van de jonge spelers) en pokeren voor geld (37% van de jonge spelers).

- Hoewel pokeren maar op de derde plaats staat bij de kansspelen die de jongeren al speelden, wordt het wel het meest gespeeld, gemiddeld 5 keer per week. Kaarten voor geld volgt op de voet (3,7 maal per week) en dan volgt online gokken zonder inzet van geld. Eén op de vier jongeren doet dit al en liefst 2,5 maal per week.

Er is dus wel degelijk een probleem en daarom worden de spelers ook beter beschermd op een aantal vlakken.

Waaruit bestaat die betere bescherming?

Naast personen die ambtshalve niet mogen deelnemen aan kansspelen zoals rechters, deurwaarders, notarissen en politiemensen, hebben wij het EPIS-systeem. Dat is een zwarte lijst van uitgesloten spelers. Je kan jezelf op die lijst laten zetten als je verslaafd bent. Dan mag je niet meer binnen in een casino of kansspelinrichting. Of (in de toekomst) niet meer gokken op het internet. De lijst kende een hoge vlucht. Momenteel staan 10.000 spelers op die lijst. Dat zijn dus 10.000 spelers die zelf vroegen uitgesloten te worden.

In de toekomst zal ook een derde, de echtgenote, een vzw of een OCMW die aan schuldbemiddeling doet, zo'n verslaafde op die lijst kunnen laten zetten. Maar betrokkene wordt wel gehoord.

Verandert de leeftijd om kansspelen te mogen spelen?

Gedeeltelijk. Hij blijft onveranderd op 21 jaar voor kansspelen in reële casino's en in reële automatenhallen. De leeftijdsgrens blijft 18 jaar voor gokken op café en ze wordt ook 18 jaar voor weddenschappen in de reële wereld. Voor online gokken komt hij op 21 jaar. Voor online weddenschappen op 18 jaar. Eigenlijk wordt dezelfde logica zoals die nu geldt, doorgetrokken naar de internetsector.

De leeftijden zijn verschillend op basis van de graad van gevaarlijkheid en het risico op verslaving van de kansspelen. Hoe meer risico op verslaving, hoe hoger de leeftijd. Van een gokker wordt verondersteld dat een meerderjarig persoon nog enkele jaren nodig heeft om met voldoende inzicht en vermogen zijn financiële huishouden te beheren.

Verandert ook het maximumverlies per uur?

Nee. Dat blijft zo, maar er komt wel een regeling voor de nieuwe spelen en weddenschappen. Het gemiddeld maximaal uurverlies bedraagt 70 euro voor casino's, 25 euro voor automatenhallen en 12,5 euro voor bingo's in cafés.

Let wel: dat uurverlies is een gemiddelde. Het wordt berekend op 20.000 speeluren en de automaten worden zo afgesteld dat het gemiddeld maximumuurverlies niet boven die bepaalde som uitkomt. Dat doet de Dienst Metrologie, die onder de minister van Economische Zaken valt. Die voert ook lukrake controles uit in samenwerking met ons. Wij hadden dan ook graag die dienst bij ons gehad. Want nu betaalt het Fonds Metrologie mee de ijking van de flitspalen en dat kan toch niet.

Tot nu toe werd nog geen enkele fout in de apparaten vastgesteld.

Voor weddenschappen wordt geen maximumuurverlies vastgelegd omdat we daar zullen werken met een maximale inzet. Die wordt wellicht 250 euro in de dagbladhandel en 1.000 euro in de wedkantoren.

De belspelletjes op televisie worden momenteel geëvalueerd. We hopen hiermee in januari klaar te zijn. Die evaluatie zal bepalen in welke mate het huidige Koninklijk Besluit moet bijgestuurd worden.

Mogen kredietkaarten gebruikt worden?

Alleen in de live-casino's, nergens anders. Op het internet zullen we werken met een spelerskaart, misschien samen met de Nationale Loterij. Die kaart moet de consument laten registreren in een "reële omgeving" (een casino, een automatenhal, een dagbladwinkel), zodat we mensen kunnen uitsluiten. We onderzoeken of op dergelijke kaart geld zal kunnen worden gezet of dat de speler een code krijgt als hij voor een bepaald bedrag zijn kans wil wagen.

Waarom mogen kredietkaarten wel in casino's?

Dat is zo sinds 2003. Toen wilde men witwasoperaties tegengaan. Iemand die voor meer dan 10.000 euro aan jetons koopt, moet dat via een kredietkaart doen. Zo kan je de geldstromen nagaan en zien of geen misdaadgeld wordt witgewassen. Maar kredietkaarten zullen dus alleen daar maar gebruikt mogen worden.

De casino's kunnen voortaan ook makkelijker grote klanten aantrekken. Nu mogen ze 50 euro per week per klant besteden om hem te lokken door gratis maaltijden, drank of een taxirit naar de luchthaven. Ze vonden dat te weinig. Ze mogen in de toekomst nog altijd tot maximum 400 euro per maand gaan, maar ze kunnen dat eventueel in één keer aan één klant besteden in plaats van in schijven van 50 euro. De automatenhallen hadden ook graag gewild dat zijn klanten zouden kunnen ronselen met gratis drank en gratis maaltijden, maar dat werd niet toegestaan.

Maar bankautomaten zijn door de nieuwe wet uitdrukkelijk verboden in casino's, automatenhallen, cafés met gokspelen en wedkantoren.

Een ander discussiepunt betrof de vraag of speelschulden geïnd kunnen worden? Verandert dat?

Eigenlijk is de term speelschulden verwarrend omdat de kansspelwet een verbod op kredietverlening bevat. Eerst betalen, dan spelen is het devies.

Maar artikel 1965 van het Burgerlijk wetboek zegt dat je voor een speelschuld geen beroep mag doen op de rechter. Dat zorgde ervoor dat overeenkomsten binnen een geregulariseerde kansspelmarkt moeilijk voor de rechter konden worden gebracht. Dat verandert.

Bij discussie over een speelschuld of over de betaling van een weddenschap, zal de rechter voortaan wél mogen oordelen, tenzij het bedrag buitensporig is. Het beeld dat het grote casino de kleine speler zal uitwringen, klopt dus zeker niet.

Spelers worden strafbaar?

Wie wetens en willens deelneemt aan een illegaal gokspel (zoals bv. pokeren, wedden op honden- of hanengevechten) wordt ook zelf strafbaar met een boete tot 137.500 euro en/of een celstraf van één maand tot 3 jaar. Deze straffen kunnen zelf worden verdubbeld bij recidive of als er minderjarigen bij zijn. Als het parket niet vervolgt, kunnen wij dezelfde geldboete administratief opleggen. Deze nieuwe regel is logisch omdat je zonder spelers geen illegaal kansspel kan hebben en omdat we moesten vaststellen dat wij na invallen tegen bepaalde spelers uit de georganiseerde misdaad helemaal niet konden optreden omdat ze "maar speelden".

Maar pokeren wordt toch beperkt toegelaten?

"Live" pokeren zal - zoals nu - mogen in de casino's, elektronisch pokeren (tegen een machine) - zoals nu - in de casino's en de speelautomatenhallen. Daar komt bij dat elektronisch pokeren in de toekomst ook op het internet zal kunnen als de uitbater een vergunning heeft.

Bovendien zullen vzw's en braderijen maximum vier keer per jaar pokertornooien of andere kansspelen, voor een goed doel kunnen organiseren. De precieze bedragen waarvoor gespeeld kan worden moeten nog worden bepaald, maar momenteel denkt men aan een maximuminzet van 50 euro per persoon. Dergelijke kansspelen moeten ongevaarlijk blijven.

Mag reclame?

Reclame voor illegale kansspelinrichtingen is nu al verboden. In de toekomst wordt echter ook reclame voor illegale kansspelen verboden. En dat is wel belangrijk, gezien het enorme budget dat de internetgoksites investeren aan reclame.

De Minister van Justitie heeft momenteel een geschil met een internetoperator dat wij met grote interesse volgen. Deze operator biedt online weddenschappen en kansspelen aan, maar heeft geen vergunning in België. Wat ze doen is dus volgens ons illegaal. Ze maken nochtans reclame op Club Brugge, met steun van die ploeg en van de Voetbalbond. Natuurlijk is het voor de mensen dan moeilijk om te weten dat het een illegaal bedrijf betreft. Dat heeft de Belgische Staat zeer verontrust en daarom heeft de Minister van Justitie een "stakingsvordering" (waarbij de rechter beslist dat de reclame moet stoppen, nvdr) ingediend. Soortgelijke zaken zijn op komst voor Mechelen en misschien voor Antwerpen.

Wie onderhoudt de Kansspelcommissie?

Wij hebben een jaarlijks budget van 3 miljoen euro. Daarnaast hebben we nog 12 miljoen euro in kas, van retributies (belastingen die de sector betaalt om de KSPC te onderhouden, nvdr). Maar dat geld wordt door Justitie beheerd. Het moét naar kansspelen gaan, maar wij kunnen er zelf niet over beslissen. En we zullen dat wel nodig hebben als we al die nieuwe taken, en zeker voor het internetgokken moeten uitvoeren.

We zijn dus zelfbedruipend, we leven van de retributies, die de kansspelinrichtingen voor onze werking moeten betalen. Ook daaraan verandert een en ander.

Hoe wordt het in de toekomst voor de retributies?

Voor casino's bedraagt die in 2010 17.525 euro, voor automatenhallen 8.762 euro, voor producenten van kansspelen 1.461 per 50 toestellen, voor bedrijven die alleen maar kansspelen onderhouden of herstellen: 2.922 euro.

Cafés zullen 600 euro moeten betalen, als ze hun vergunning kregen na 31 december 2009. Als ze die kregen voor 1 januari 2010 bedraagt ze 119 euro. Op voorwaarde dat het noodzakelijke Koninklijk Besluit nog dit jaar wordt gepubliceerd natuurlijk. Anders wordt hier alles met één jaar vertraagd.

Wie weddenschappen inricht zal 10.000 euro retributie moeten betalen, wie ze aanneemt in een wedkantoor 3.000 euro, wie dat elders (op de renbaan bv.) doet: 1.500 euro en wie ze aanneemt in een dagbladhandel 1.500 euro. De retributies van de aannemers van de weddenschappen zal worden betaald door de inrichters voor wiens rekening de weddenschappen worden aangenomen.

Daarnaast zijn er ook nog de waarborgen?

Om er zeker van te zijn dat de kansspelinrichtingen die retributies ook betalen, moeten ze een waarborg storten. Die krijgen ze terug als hun vergunning afloopt en als ze alle verschuldigde retributies hebben betaald.

Die waarborgen staan nu in de wet. Ze bedragen 250.000 euro voor casino's, 75.000 euro voor automatenhallen, 25.000 euro voor herstellers en onderhouders van toestellen, 12.500 euro voor producenten van toestellen, 10.000 euro voor wie weddenschappen organiseert, 75.000 voor wie weddenschappen organiseert via het internet, 80.000 euro voor wie belspelletjes organiseert op televisie.


PROBLEMEN DIE BLIJVEN


Wat zijn de resterende problemen?

Eerst en vooral wil ik benadrukken dat we staatssecretaris van fraudebestrijding Carl Devlies zeer erkentelijk zijn voor de doortastende energie waarmee hij deze wetswijziging door het parlement kon laten goedkeuren. Eerdere pogingen daartoe mislukten. Toch blijven er enkele aandachtspunten:

* Er is geen mogelijkheid om "gaming" op het internet aan te pakken. Gaming is spelen voor fictief geld. Er is geen kansspel, want er is geen inzet van geld. Maar op deze manier trekt men wel veel spelers aan, die achteraf verslaafd kunnen raken. Het Oivo-onderzoek wees immers uit dat bijna één op de vier jongeren tussen 10 en 17 jaar al online gokt zonder geld in te zetten en gemiddeld liefst 2,5 maal per week. Dat we hiertegen niet kunnen optreden blijft dus een pijnpunt.

* De KSC zou onafhankelijker worden door onder het parlement te vallen. Nu hebben wij te veel verschillende bazen en instanties waarmee wij moeten overleggen. Dat leidt tot hallucinante toestanden. Einde januari 2010 brengen wij een film uit voor jongeren in de scholen. Die heeft 200.000 euro gekost, maar het heeft wel vier jaar geduurd om die vast te krijgen.

* Wij zouden natuurlijk ook liever hebben dat de Nationale Loterij onder de kansspelwet zou vallen. Dat zou de samenhang in het beleid zeker ten goede komen.

* Ook in de kansspelwet zou de vervolgende instantie een andere moeten zijn dan de sanctionerende. Dat is nu niet zo.

* Er is een probleem met mensen die op de zwarte lijst staan en die dus niet meer mogen gokken. Als ze toch opnieuw willen beginnen gokken, zouden ze moeten bewijzen dat hun verslaving voorbij is. Nu is er wel een wachttijd van drie maanden, zodat je pas drie maanden nadat je op de zwarte lijst bent gezet, er weer terug op kan. Maar er zouden objectieve maatstaven moeten zijn om er terug op te komen.

* Wij hadden meer slagkracht gewild om providers te dwingen om internetsites af te sluiten. Er is niet beslist wie dat eigenlijk mag doen. Normaal gezien zijn wij dat, maar het staat niet uitdrukkelijk in de wet. Dat wordt overigens de grote uitdaging. Daarom zijn wij voor een cyberdouane op Europees niveau. Die zou alle misdrijven op het internet (gokken, racisme, negationisme, namaak, oplichting…) controleren en alle sites moeten kunnen blokkeren. We hebben hierover volgende vrijdag overleg om dit alvast voor België te realiseren. Maar dat is maar een begin.

* "Kansspelen" zou opnieuw een prioriteit in het Nationaal Veiligheidsplan moeten worden. Dat is nu niet zo, terwijl héél veel misdrijven met illegale kansspelen geassocieerd zijn. Toen wij in augustus 2008 binnenvielen in een gewone woning in Antwerpen binnenvielen waar zo'n 65 personen aan het gokken waren, konden we relaties leggen naar de Chinese triades in Amsterdam. Er waren verbanden met zaken van illegale afvalverbranding, oplichting, prostitutie. In sommige illegale speelholen ligt tot 50.000 euro op tafel. Het mag dus echt wel een prioriteit van het Nationaal Veiligheidsplan worden. Er zijn mensen die moorden om een gokverslaving te betalen.

* De wet kan maar lukken als we realistisch zijn. De tarieven op weddenschappen moeten vergelijkbaar zijn in de Europese landen. Als dat niet zo is, dan zal alles vanuit het buitenland gebeuren en dan hebben wij er geen vat meer op en krijgen wij er ook geen belastingen meer uit. Het moet voor de aanbieders van kansspelen nog interessant blijven om ze in België aan te bieden.

* We verwachten natuurlijk nog rechtszaken bij het Grondwettelijk Hof en bij het Hof van Luxemburg. De organisatoren van wedkantoren zullen betogen dat de onderlinge weddenschappen in krantenwinkels wel mogen worden aangeboden en de commerciële niet. Ze zullen zeggen dat dit discriminatie is.

We verwachten ook een geding bij het Europees Hof van Luxemburg over het internetgokken. De aanbieders van internetspelen zijn het er niet mee eens dat hun server verplicht in België moet staan, als ze een vergunning voor België willen krijgen. Ze zullen betogen dat dit het vrij verkeer van goederen en diensten schendt. Maar als die server niet in België staat, is geen echte controle mogelijk. En sinds het arrest Santa Casa de Misericordia mogen wij dit doen.

* Er zijn 60 Koninklijke Besluiten nodig om de wet uit te voeren. Dat moet allemaal voor einde 2010 rond zijn. Er zijn er nu al elf klaar. Het gaat om de besluiten over de weddenschappen, want staatssecretaris Devlies wil deze aan het parlement voorstellen. De regeling voor de weddenschappen zou op 1 mei 2010 in werking treden. De hele wet treedt in werking in fasen, maar ten laatste op 1 januari 2011. Die fasering is een voordeel, maar de klok tikt. Het wordt krap, maar we gaan ervoor.


Lees ook:

Parket waarschuwt voor pokerspel

Kansspelcommissie wil nieuwe regels voor belspelletjes op tv

Het jaarverslag 2007 van de Kansspelcommissie