De helse vlucht van de familie Camerlinckx uit Aarschot

Print
De helse vlucht van de familie Camerlinckx uit Aarschot

De helse vlucht van de familie Camerlinckx uit Aarschot

Tijdens 'De slag bij Aarschot' op 19 en 20 augustus 1914 gingen de Duitsers zich te buiten aan geweld tegen de burgerbevolking onder het mom van represailles omdat er op hen geschoten zou zijn. Veel mensen sloegen dan ook op de vlucht, waaronder ook de familie Camerlinckx.

Paul De Keulenaer van de Werkgroep Aarschotse Geschiedenis (Wagdi) duikelt het verhaal van de Camerlinckx' op uit de archieven. "Vader Frans werd op 19 augustus neergeschoten door de Duitsers, een honderd meter achter de boomgaard van het Klein Withuis, de afspanning die hij uitbaatte", zegt De Keulenaer.

Zoon Jan vertelt wat hij nog weet van de vlucht van de familie de dagen nadien. "Jef van het Groot Withuis kwam de volgende dag voorbij met een stootkar waarmee hij zijn tachtigjarige moeder vervoerde. Mijn moeder zei toen dat we ook we ook gingen vluchten. Ik weet niet of ze op dat ogenblik al wist waar naartoe", vertelt zoon Jan. "Wij hadden echter geen stootkar, dus alles wat wilden meenemen moesten we dragen. Ik, de achtjarige, droeg niet veel. Alleen een boodschappenzak met daarin, ik weet het nog goed, een aangesneden brood, een paar kousen, en mijn nieuw kerkboekje dat ik voor mijn eerste communie van had gekregen."

Zo trok de familie Camerlinckx in een lange stoet van vluchtelingen richting Lier. "Toen we Aarschot verlieten zagen we aan de spoorwegverbinding een hele rij Belgische soldaten dood liggen, met het geweer in schiethouding. Veel later heb ik vernomen dat de Duitsers hen in de rug hadden aangevallen en gedood."

Na enige tijd stappen liet de familie de stroom vluchtelingen links liggen, en week ze uit naar Houtvenne. Daar overnachtten ze bij een boerengezin dat hen opving en voedde. Daags nadien bracht de boer hen tegen betaling met paard en kar naar Lier. "Onderweg peuzelde ik zoveel kruimels uit het brood in mijn boodschappennetje dat er, bij aankomst, niets dan een korst overbleef", weet Jan nog.

Uiteindelijk belandden de Camerlinckx bij een ver familielid van vader Frans in Boechout. Daar kregen ze eindelijk nieuws uit Aarschot, van een eierhandelaar die vaak in de afspanning van de familie overnachtte. Hij vertelde dat Aarschot bevrijd was, en reed moeder Camerlinckx met zijn auto mee terug om nog wat gerief op te halen. Daar vernam ze dat haar man ondertussen door het Rode Kruis was begraven in hun tuin.

Na een paar weken eindigden De Camerlinckx' in Antwerpen, waar ze bij een razzia tegen vluchtelingen op de trein naar Nederland werden gezet. Ze verbleven in Haarlem tot het bericht kwam dat het Klein Withuis toch niet was afgebrand, zoals hen eerder was gemeld. In het voorjaar van 1915 trok het gezin terug naar Aarschot.

Aantal gesneuvelden aan het front: 168

Aantal gesneuvelde burgers: 173

Schade: 416 woningen zijn afgebrand

Matthieu Van Steenkiste

Foto GvA (boven): familie Camerlinckx (1905)