Vlaamse arts bestudeert mysterieuze 'knikkebolziekte'

Print
Vlaamse arts bestudeert mysterieuze 'knikkebolziekte'

Vlaamse arts bestudeert mysterieuze 'knikkebolziekte'

Zo choquerend, zo aangrijpend en toch heeft de wereld er geen aandacht voor: de mysterieuze knikkebolziekte die duizenden kinderen in Afrika hun toekomst ontneemt. UA-professor Bob Colebunders gaat nu onderzoek voeren.

Terzake bracht er gisteren een reportage over en ook in buitenlandse media is er her en der wel al wat verschenen over de mysterieuze knikkebolziekte of nodding disease, maar de meeste mensen kennen het vreselijke syndroom niet.

Kinderen in Zuid-Soedan, Noord- Oeganda en een streek in Tanzania dolen als zombies door de straten. Ze zijn ziek geworden rond hun 5de en op dat moment gestopt met groeien - zowel fysiek als mentaal. Bij elke epilepsie-aanval takelen ze verder af. Ze praten niet meer en leven in een andere wereld. Hun ouders zien soms geen andere oplossing dan hen vast te binden als beesten. Wie geen familie heeft, leeft op straat.

Een op de twee kinderen in de getroffen streken krijgt de ziekte. Ouder dan 30 worden de slachtoffers veelal niet. Dit is erger dan aids, zeggen mensen uit de getroffen streken. Want door de aandacht voor aids is die ziekte nu te stabiliseren.

Voeding

“De knikkebolziekte neemt de jongste jaren toe, vooral in Zuid-Soedan”, zegt professor Bob Colebunders van de Universiteit Antwerpen. “Er is al wat onderzoek naar verricht, vooral door de Amerikanen, maar nog steeds zonder resultaat.”

Er zijn meerdere hypotheses over de oorzaak van de ziekte: de zwarte vlieg die ook rivierblindheid veroorzaakt, milieuvervuiling, chemische wapens. “Maar de meest plausibele verklaring is een voedselprobleem”, zegt Colebunders. “Mogelijk gaat er bij de opslag of bereiding van granen iets mis, waardoor schimmels ontstaan en toxines vrijkomen die het centrale zenuwstelsel aantasten. Dat ga ik samen met mijn Gentse collega Geert Haesaert, een bio-ingenieur, nu onderzoeken. Op 25 november vertrekken we.”

“De gemeenschappelijke factor in de getroffen streken is armoede en slechte hygiëne. Maar er moet ook iets anders spelen, want waarom krijgt het ene kind het wel en het andere niet? Die dingen moeten we weten voor we tot een oplossing kunnen komen.”

SYLVIA MARIËN
Foto Chris Michel