Twee bergritten in het geel of geen criteriums
07/07/'06
Tom Boonen
Er is een systeem van strafpunten ingevoerd, bij ons in de ploeg. Een idee van Wilfried Peeters, in één van zijn hitleriaanse buien. Dolfke van Mol. Wie niet naar behoren presteert, krijgt negatieve punten op zijn rapport. Ik heb er al vreselijk veel, door drie massaspurten op rij te verliezen. Alsof dat allemaal al niet erg genoeg is, zijn er aan die punten sancties gekoppeld.
Wie een bepaald aantal keren in het notaboekje van Peeters belandt, mag na de Tour niet meedoen aan een criterium. Zo heb ik er al twee van mijn lijst moeten halen. In Diksmuide en Peer zal ik niet te zien zijn. Jammer, maar het is niet anders. Volgens Peeters had ik dan maar wat rapper moeten spurten.
Peeters heeft vooraf onze mening gevraagd en wij waren stom genoeg om met zijn voorstel akkoord te gaan. Dat hadden we, achteraf bekeken, beter niet gedaan. Ik ben nu al met mijn gat op de blaren aan het zitten, en als ik niet snel begin te winnen, dreigt het alleen maar erger te worden.
Zo kreeg ik onlangs te horen dat Peeters wil dat ik de gele trui blijf dragen tot l’Alpe d’Huez. Ik heb hem gevraagd of hij zot geworden was, maar hij bleef bij zijn standpunt. Die twee Pyreneeën-ritten overleven in de gele trui, of helemaal géén criteriums.
Nu plooi ik mezelf zo mogelijk nog meer dubbel, tijdens de komende weken. Want dat moet ik Dolfke van Mol nageven, iedereen loopt bij ons op de toppen van zijn tenen. Pas op, het is niet te vergelijken met dat premiesysteem van Davitamon-Lotto. Het grote verschil is dat het idee van Peeters werkt. Fitte is er zelfs zo enthousiast bij geworden dat hij gisteren met nog een ideetje kwam aanzetten. Als ik de groene trui niet haal in Parijs, moet ik van hem voor de rest van het jaar van de fiets blijven.
Hij heeft me gezegd dat ik van hem dan pas op 1 januari, tijdens de nieuwjaarsveldrit van Baal, opnieuw in actie zal mogen komen.
Man, als ge dat te horen krijgt, dan gaat ge vanzelf vliegen. Ik fiets veel te graag
om vijf maanden aan de kant te gaan staan. Van uitvluchten wil Peeters niet horen. Hij wil van de ploeg één blok maken, negen kerels die voor mekaar door het vuur gaan.
Akkoord, hij probeert dat op een originele manier voor mekaar te krijgen en dat bevalt ons niet altijd even goed, maar hij is en blijft tenslotte onze baas. Zijn wil is wet. En hij wil ook maar het beste voor de ploeg en voor de sponsor, op die manier. De wijze waarop hij dat doet kan misschien wat dictatoriaal lijken, maar als ik zo een rit kan winnen, wie heeft er dan gelijk? Dolfke, en niemand anders.
Tom Boonen