Gehandicapt kind naar gewoon of ander onderwijs? - Discussie
13/02/'08
Binnenland
Rita en Patrick Beugnies werden voor gek verklaard toen
ze beslisten om hun gehandicapte dochter Jolien toch
naar een gewone kleuterklas te sturen. De ouders zetten
koppig door en intussen zit Jolien (13) al op de banken
van het secundair beroepsonderwijs. “Het was niet altijd
gemakkelijk, maar voor ons kind is dit de beste keuze. Ze
leerde praten, heeft nu vriendjes uit de buurt en is even
gek op msn als andere tieners”, vertellen rita en Patrick.
Sturen we ons kind naar het
buitengewone onderwijs, of
proberen we toch een school
te vinden die bereid is om een
kind met een handicap op te
nemen? Het is een dilemma waar heel
wat ouders van kinderen met een handicap
vandaag mee worstelen. Net als
de bijbehorende vragen. Hoe gaan de
andere kinderen daarop reageren? Gaat
ons kind niet gepest of uitgelachen worden? Kan hij of zij aan alle activiteiten
deelnemen?
De vereniging Ouders voor Inclusie
vraagt al jaren dat een vrije schoolkeuze
ook mogelijk wordt voor kinderen met
een handicap. Ook de Vlaamse minister
van Onderwijs Frank Vandenbroucke
(sp.a) lijkt ervoor gewonnen om die weg
in te slaan. Maar nog niet voor kinderen
met zware of meervoudige handicaps.
Het verhaal van Jolien Beugnies uit
Mortsel bewijst dat het wel degelijk anders
kan. Zelfs voor wie motorisch en
mentaal gehandicapt is. “We zijn al tien
jaar een proeftuin van inclusief onderwijs”,
zegt mama Rita Van der Spiegel.
“Jolien werd geboren met incontinentia
pigmenti, een heel zeldzame genetische
aandoening. Die zorgt onder meer voor
letsels op de huid, tanden en haren, en
tast ook de hersenen aan. Na haar geboorte
hebben we tientallen dokters bezocht
om te achterhalen wat deze ziekte
inhoudt en wat de toekomstperspectieven
zijn. Jolien kan niet zelfstandig
lopen en kan ook maar één hand echt
goed gebruiken. Jarenlang waren de artsen
ervan overtuigd dat ze nooit zou leren
spreken.”
Rita en Patrick wilden hun tweede dochter
van meet af aan toch naar een gewone
kleuterklas sturen. Omdat iedereen
het hen zo sterk afraadde, startte Jolien
eerst in het buitengewoon onderwijs.
Na twee jaar gaan Patrick en Rita zelf
op zoek naar een ’gewone’ school die het
avontuur wel aandurft.
Vroeger: “Elke afwijzing deed pijn”
“Acht kleuterscholen hebben we bezocht.
Het is als leuren met je kind. We
kregen de belachelijkste excuses te horen.
De kasten konden niet verschoven
worden voor de rolstoel, of ze zou over
andere kinderen kunnen rijden. Elke
afwijzing kwam hard aan. Uiteindelijk
was er toch een schooltje dat de stap wilde
wagen. Daar zagen we Jolien al snel
openbloeien. Na een week kon ze al vlot
knippen. Kinderen zoals Jolien leren
erg veel van leeftijdsgenoten. Zij kreeg
dezelfde leerstof aangeboden, maar natuurlijk
pikt ze daar niet evenveel van
op. Puzzelen bijvoorbeeld is haar nooit
gelukt, maar ze slaagt er wel in om de
thermometer te lezen. Zij kreeg in de
klas zoveel aangeboden, dat ze van alles
toch een beetje opsteekt.” Bij de overstap
naar het lager onderwijs volgde een
nieuwe zoektocht naar een bereidwillige
school. “Dat liep jarenlang prima. Wij
hebben bij het eerste oudercontact de
situatie ook uitgelegd aan de andere ouders.
Van pestgedrag was nooit sprake.
Het contact met de anderen stimuleerde
Jolien om te beginnen praten. Rond
haar tiende, een paar jaar nadat ze een
dure spraakcomputer had gekregen, gebeurde
dat kleine wonder. Jolien vormt
geen zinnen zoals wij, maar ze kan wel
degelijk communiceren. Als haar klasgenoten
haar niet verstaan, vragen ze
gewoon door, tot ze haar wel begrijpen.
Dat kon ze in het buitengewoon onderwijs
niet ervaren omdat Jolien daar samen
zat met niet sprekende kinderen.”
De lagere school eindigde in mineur
doordat enkele leerkrachten zich verzetten
tegen de aanwezigheid van een
kind met een handicap op school. “Ineens
weigerden ze Jolien te laten deelnemen
aan een uitwisseling met een
Zweedse school, hoewel Jolien zou begeleid
worden door een assistente. Dan
besef je hoezeer je afhankelijk blijft van
de goodwill van leerkrachten.”
Nu: “Kletsen in de klas”
Vandaag rolt Jolien in haar elektrische
rolstoel over de speelplaats van het KTA
in Edegem van het ene groepje naar het
andere. Waar haar rolstoel halt houdt,
zetten jongeren spontaan een stapje opzij
om haar erbij te laten. Alsof het de
normaalste zaak van de wereld is. De
school van Jolien toonde zich meteen
bereid om een leerling met een handicap
op te nemen, al wil ze zich niet profileren
als inclusieschool.
Jolien volgt er het tweede jaar voedingverzorging.
Een echt diploma zal ze
nooit halen, en dat weten haar klasgenoten
ook. “Maar in deze richting steekt
ze veel dingen op die haar later van pas
kunnen komen. Zo leert ze haar eigen
potje koken, of haar lichaam verzorgen,
tot zelfs nagels lakken. Veel van die oefeningen
zijn bijna als een therapie voor
haar. Het maakt haar zonder twijfel een
pak zelfstandiger. We beseffen heel goed
dat dit alleen maar mogelijk is dankzij
het persoonlijke assistentiebudget
dat we kregen. Daardoor heeft Jolien
permanent een begeleidster die over
haar welzijn waakt. Die rolstoel biedt
ook voordelen. Het maakt haar handicap
concreet zichtbaar voor de anderen”,
weet mama Rita.
An Verboven, haar persoonlijke assistente,
is nooit ver uit de buurt, maar
houdt zich zoveel mogelijk afzijdig. Ook
in de klas. “Ik help Jolien waar nodig,
zoals bij het vervoer naar school, in de
lift, of om extra uitleg te geven bij de
leerstof. Maar als ze tijdens de les zit te
kletsen met een vriendje, hou ik mijn
mond. Dat is de taak van de leerkracht.
Jolien moet zoveel mogelijk een gewoon
klasgenootje kunnen zijn.”
Later: “Op stap met vrienden”
Patrick en Rita beseffen dat Jolien nooit
hetzelfde niveau zal halen als haar klasgenootjes.
“Alles wat Jolien opsteekt, is
meegenomen. Maar onze belangrijkste
motivatie om voor inclusie te kiezen, is
dat Jolien vriendjes in haar eigen buurt
leert kennen. Als ze buitenkomt, is ze
geen vreemde in haar eigen straat. Iedereen
kent haar en aanvaardt haar zoals
ze is.”
“Sinds kort heeft ze ook enkele vrienden
die op bezoek komen om met de
Uno-kaarten te spelen of die haar eens
mee uit nemen voor een wandeling in de
buurt. Jolien heeft daardoor een uitgebreid
vriendennetwerk kunnen opbouwen.
Net als andere tieners is ze verzot
op msn. Ze kan uren aan een stuk chatten
over de onnozelste dingen, net als
andere pubers.”
Kari VAN HOORICK