Psychiatrisch ziekenhuis Zoersel trekt aan alarmbel
30/10/'06
Acht jonge moeders in nood kunnen vandaag met hun baby's terecht in de unieke moeder-kind-eenheid van het psychiatrische ziekenhuis Bethanië in Zoersel. In Sint-Denijs-Westrem loopt een gelijkaardig project, waar vier mama's gespecialiseerde hulp krijgen. Beide instellingen hebben een lange wachtlijst. "Dankzij de subsidies van Kind en Gezin konden we zowel moeder als kind behandelen. Eind dit jaar stopt die toelage. Als minister Vervotte geen oplossing vindt, betekent dat het einde van onze werking", trekt psychologe Marijs Lenaerts aan de alarmbel.
Twintig jaar geleden begon het psychiatrische ziekenhuis van Zoersel met een specifieke opvang voor moeders die kampen met zware postnatale depressies en psychoses. "De laatste zes jaar konden we naast de moeder ook haar kind behandelen en opvolgen. Dat was een ideale samenwerking tussen volwassen- en kinderpsychiatrie. Kind en Gezin zorgde voor de financiering van dit preventieve project. Preventief, want kinderen van depressieve moeders lopen verhoogd risico op ontwikkelingsstoornissen en hebben extra aandacht nodig. Dat de moeders hun kindjes kunnen meebrengen is ook van belang voor het behoud van hun band. Omdat Kind en Gezin nu echter de financiering niet meer kan voortzetten, dreigen we in de problemen te raken", vertelt gezinstherapeute Marijs Lenaerts.
De instelling klopte intussen al aan bij Vlaams minister van Welzijn Inge Vervotte (CD&V). "Ons project kreeg een positieve evaluatie mee maar voorlopig vonden ze geen budget om onze werking te kunnen voortzetten. Als die middelen uitblijven, moeten vijf gespecialiseerde personeelsleden vertrekken en verdwijnt meteen ook de kennis en ervaring die wij de voorbije jaren hebben opgebouwd. Toen dit twintig jaar geleden startte, leverde het personeel echt pionierswerk. De noden zijn er zeker niet op verminderd. Onze wachtlijst van moeders met problemen blijft onveranderd. Het zou onbegrijpelijk zijn dat zo'n preventief project ermee moet ophouden", aldus nog Marijs Lenaerts.