"OCMW Antwerpen kan toestroom uitkeringstrekkers niet aan"
27/01/'10
Voor Monica De Coninck, voorzitter van OCMW Antwerpen, is de maat vol. Het Antwerpse OCMW kan de toestroom aan asielzoekers en van mensen die moeten leven van een uitkering niet aan, meent zij. Als er niet snel maatregelen worden genomen, dreigt ze met acties.
De Coninck uitte haar noodkreet dinsdag in 'De Ochtend' op Radio 1, nadat Vlaams minister van Integratie Geert Bourgeois (N-VA) aankondigde dat het spreidingsplan voor asielzoekers van de federale overheid wordt afgevoerd. Eerder op de week luidde het OCMW van Brussel ook al de noodklok.
Volgens haar is de situatie niet langer houdbaar. In vergelijking met andere steden en regio's in Vlaanderen en België komen er al maar meer mensen bij die beroep moeten doen op steun van het OCMW.
Afgelopen jaar dienden er zich 7.000 asielzoekers aan bij het Antwerpse OCMW. Dat zijn er ruim duizend meer dan het jaar ervoor. Dat is volgens De Coninck het gevolg van het feit dat asielzoekers niet langer materiële, maar financiële steun krijgen en van het stopzetten van het spreidingsplan, waardoor asielzoekers vrij kunnen kiezen bij welk OCMW ze zich aanmelden.
Geen nieuwe dossiers
"Het is genoeg geweest, we kunnen het niet meer aan", stelt De Coninck onomwonden. Zij wijst ook op de almaar langer wordende wachtlijsten voor taal- en inburgeringscursussen.
"Als er niet snel bijkomende middelen worden uitgetrokken zullen we niet aarzelen om harde acties te houden." Die zouden inhouden dat er bijvoorbeeld geen nieuwe dossiers worden geopend. Het OCMW van Antwerpen behandelt nu nog maar enkel de dossiers van asielzoekers die een officiële woonst in Antwerpen hebben.
Op die manier wil De Coninck extra aandacht vragen van de overheid voor de moeilijke leefsituatie in de steden. "De overheden moeten meer rekening houden met de opnamecapaciteit die een lokale gemeenschap aankan." De Coninck pleit voor een beter uitgebalanceerd spreidingsplan.
"Als we zo verder gaan zal ons systeem op termijn niet meer houdbaar zijn", besluit De Coninck.