Speurders zetten in op sporenonderzoek
03/03/'10
Onder meer een nieuwe
sporendatabank moet vanaf
dit jaar haar gerechtelijk labo
ademruimte geven. “In 45
procent van de zaken komt
het labo ter plaatse. Dat
aantal moet omhoog.”
Drugshandel, rondtrekkende
bendes, mensenhandel en vooral
vermogenscriminaliteit en het witwassen
van geld zijn thema’s waar
de Mechelse federale gerechtelijke
politie (FGP) ook op vraag van
het Mechelse parket in 2009 verhoogde
aandacht voor heeft gehad.
“Het bezit van zaken die daders
hebben verworven door criminaliteit,
kan voor ons niet door
de beugel. Dat moet worden opgespoord
en in beslag genomen. Zij kunnen in hun vermogen worden geraakt”,
stelt de Mechelse procureur
des Konings Anne-Marie Gepts.
Pro-actieve aanpak
Hoewel de Mechelse FGP vorig
jaar onder meer twee speurders
moest afstaan voor een onderzoek
naar motorbendes van het Leuvense
parket, is ze er toch in geslaagd meer
dossiers te behandelen dan in 2008.
“Het hoger aantal dossiers is onder
meer het gevolg van dat voortdurend
zoeken naar vermogensvoordeel en
een pro-actieve aanpak, waarbij met
bepaalde informatie aan het werk
wordt gegaan”, duidt gerechtelijk
directeur Johan Geentjens.
Nieuwe sporendatabank
Dit jaar verwacht hij veel heil van
een nieuwe sporendatabank, die
vanaf deze week consulteerbaar
is door de politiezones. Naast Mechelen
voeden ook Antwerpen en
Turnhout deze module, die het gerechtelijk
labo moet bijstaan. Aan de
hand van vingerafdrukken wist dat
vorig jaar 53 personen te identificeren.
Vandaag kan het labo slechts in
45 procent van de gevallen ter plaatse
voor sporenonderzoek gaan. Opleiding
van lokale politiemensen
moet ervoor zorgen dat dit aandeel
stijgt. “Met de databank kan worden
nagegaan of een aanvankelijk spoor
niet al eerder ergens is opgedoken.
Zo’n informatie kan je nooit snel genoeg
hebben”, licht Johan Geentjens
nog toe.
JAn VAn de Poel
e