'Fiets-o-strade' moet meer mensen op de fiets krijgen
30/08/'10
De provincie Antwerpen
investeert van 2009 tot 2013
meer dan 12 miljoen euro in
de aanleg van fiets-o-strades,
tussen Essen en Mechelen.
“Het is positief dat er zo veel geld
gepompt wordt in een project ter
bevordering van het fietsen, al is
de benaming ‘fiets-o-strade’ eigenlijk
slecht gekozen”, zegt Ludo
Van Aert, voorzitter van de Fietsersbond
van Kalmthout. “De mensen associëren
met deze benaming direct
een autostrade, en dat is geen vergelijk.”
“Een investering van 12 miljoen
euro lijkt misschien veel, maar tussen
Essen en Antwerpen alleen al
zijn er 35 gelijkgrondse kruispunten
met autowegen. Zelfs met zulke
budgetten is het onmogelijk om
alle kruispunten te overbruggen of
te ondertunnelen”, bedenkt Ludo
Van Aert.
Begeleidende maatregelen
Stef Vandersypen, voorzitter van de Fietsersbond van Kapellen, buigt
zich over fiets-o-stradebekommernissen
op lange termijn. “De inspanningen
die geleverd worden zouden
moeten resulteren in een mentaliteitswijziging
van de bevolking om
meer naar de fiets te grijpen en de
auto thuis te laten. Er
moeten naast een goede fietsinfrastructuur,
ook begeleidende maatregelen
komen die de fietser aan- en
de automobilist ontmoedigen”, verduidelijkt
Stef Vandersypen.
Inga Verhaert, die als provinciegedeputeerde
van Mobiliteit belast is met de aanleg van de fiets-o-strade
Essen-Mechelen, luistert naar de
bekommernissen van beide voorzitters.
“Het is natuurlijk een immens
project waar ik intens mee bezig ben.
We beschikken over voldoende fondsen
om fietspaden te creëren waar
snel, comfortabel en veilig kan op gefietst
worden, met daarbij nog een
budget voor een Fietsfonds.”
Fietscomfort
“Het woord fiets-o-strade, hoewel
niet te letterlijk te nemen, is zeker
niet te hoog gegrepen. Een aantal
gelijkgrondse kruispunten zullen inderdaad
blijven, maar we proberen
die echt tot een minimum te beperken.
Er zijn al heel wat werkzaamheden
op de trajecten uitgevoerd”, legt
Inga Verhaert uit.
“Wij geven informatie-avonden in
september om de plaatselijke bevolking
in te lichten over onze plannen.
Daarnaast gaan wij overlegavonden
organiseren met de rechtstreeks betrokkenen,
waar het traject over hun
eigendom gepland is. Verder houden
wij gedurig contact met allerhande
verenigingen om het beste resultaat
te bereiken”, verzekert Inga
Verhaert.
Roland Haentjens