Afval te weinig, ovens te veel
20/01/'10
De tien Vlaamse
verbrandingsovens hebben
meer capaciteit dan er afval is.
Dat is slecht nieuws voor Van
Gansewinkel en Indaver, die
hun installaties in Antwerpen
willen uitbreiden.
Op een hoorzitting in de commissie
Leefmilieu van het Vlaams
parlement gaven experts gisteren
hun visie op afvalverwerking. Aanleiding
is de wildgroei aan nieuwe
afvalverbrandingsinstallaties.
“Worden die effectief gebouwd,
zou er een ruime overcapaciteit
aan ovens ontstaan”, zegt Rudy
Meeus van de Openbare Vlaamse
Afvalstoffenmaatschappij.
“De tien
bestaande ovens hebben een capaciteit
van 2.164.000 ton, terwijl er
slechts 2.044.000 ton aan brandbare
afvalstoffen wordt aangevoerd.
De installaties kunnen dus 120.000
ton méér aan dan dat ze vandaag
krijgen toegeleverd.”
Voor Indaver en Van Gansewinkel
is dit slecht nieuws. Indaver wil een
extra lijn voor zijn roosteroven bouwen
in Doel, Van Gansewinkel wil
een nieuwe afvalverbrander realiseren
in Antwerpen.
Afvalexpert Christof Delatter van
de Vereniging van Vlaamse Steden en
Gemeenten (VVSG) wil dat de overheid
ook nadenkt over de vier resterende
stortplaatsen in Vlaanderen.
De Hooge Maey is er daar één van.
“De stortplaatsen krijgen te weinig
aanvoer, waardoor ze met putten
blijven zitten en een tekort van
50 tot 100 miljoen euro opbouwen.
Vlaanderen moet beslissen of ze zullen
openblijven voor als de verbranding
mank zou gaan lopen.”
YL